Drie dagen zweten op Cito-toets

De kinderen van de achtste groep van de Albert Plesman Basisschool werken aan de Cito-toets. In heel Nederland buigen vandaag, morgen en overmorgen bijna 140.000 elf- en twaalfjarigen zich over de toets. Bijna 80 procent van de 7.400 basisscholen doet mee. De kinderen krijgen meerkeuzevragen voorgelegd over taal, rekenen, informatieverwerking en wereldoriëntatie. Voor de leerlingen is de toets belangrijk, omdat de uitslag, naast het advies van de basisschooldirecteur, bepaalt of ze naar VBO, Mavo, Havo of VWO gaan.

Directeur K.A. van Putten van de Albert Plesman Basisschool ziet de Cito-toets meer als een `finish—ing touch'. ,,We hebben die kinderen al jaren op school en weten natuurlijk heel goed wat ze wel en niet kunnen. Het resultaat van de toets wijkt dan ook zelden af van ons oordeel. Daarom zeggen we niet tegen de kinderen dat ze nu een belangrijk examen moeten doen.''

De Cito-toets is ook voor de scholen spannend, omdat aan de hand van de score bekeken wordt hoe ze het doen ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Daarnaast vergelijkt het Instituut voor Toetsontwikkeling (Cito) de resultaten met vergelijkbare scholen, ,,zodat bijvoorbeeld een zwarte school wordt vergeleken met andere zwarte scholen'', zegt een voorlichter van Cito. De uitslagen van de Cito-toets worden op 25 en 26 februari bekendgemaakt.