Soulwax: keurig gekapt in net pak

Concert: Soulwax. Gehoord: 30/1 Nighttown Rotterdam. Herh.: 3/2 Muziekcentrum Enschede; 4/2 Doornroosje Nijmegen; 5/2 Effenaar Eindhoven; 6/2 Bibelot Dordrecht; 11/2 013, Tilburg; 12/2 Patronaat Haarlem; e.v.

Geïnspireerd door John Travolta in Saturday Night Fever of misschien door strak geklede soulzangers, kwam het Belgische Soulwax het podium op in een voor rockgroepen uitzonderlijke kledij: in nette pakken, compleet met stropdassen en keurige kapsels. Ambitieuze jonge zakenmannen op weg naar kantoor. Het oogde stijlvol en vormde een amusant contrast met alternatieve gitaarrock met een scheut blues en een vleugje disco uit het Travolta-tijdperk.

Soulwax baarde twee jaar geleden al enig opzien met de cd Leave the Story Untold, een in Los Angeles opgenomen album met slepende gitaarrock die eerder Amerikaans dan Europees klonk. De vorig jaar verschenen cd Much Against Everyone's Advice laat een grotere diversiteit horen, een frisse mengeling van degelijke Beatles-achtige melodieuze pop, tegendraadse experimentele rock à la landgenoten dEUS en de eerder genoemde blues- en disco-invloeden. De basis van zang, gitaar, drums, bas en toetsen is aangevuld met strijkers en electronische dance-ritmes. Veel nummers zijn tamelijk complex gearrangeerd maar klinken door de sterke melodieën ongeforceerd. De cd bezorgde de groep veel positieve aandacht en volle zalen.

Ook op het podium was Soulwax aangevuld met extra muzikanten: een strijkkwartet, een toetseniste en een achtergrondzanger. Het geluid was ruwer dan de fijnzinnig geproduceerde cd, maar imposant door het hechte spel en de verrassend goed uit de verf komende bijdragen van de strijkers. Zanger Stephen Dewaele zong krachtig, in een stijl die het midden hield tussen het gedragen melodrama van Pearl Jam en Smashing Pumpkins en de ingetogener stijl van Radiohead. Zijn broer David speelde knappe, originele gitaarpartijen en verraste met een stukje human beatbox en een als een gitaar gevormd toetseninstrument.

De songs van Soulwax klinken als behoorlijk serieuze, soms emotionele uitingen van Stephen Dewaele's zieleroerselen. Dat het optreden desondanks niet zwaar op de hand werd, was te danken aan onder meer de kleurige TL-balken aan de microfoonstandaards die zo nu en dan fel oplichtten, en onderhoudende versies van Prince's Pop Life en Nik Kershaw's Wouldn't It Be Good. Kans om zich te vervelen kreeg het publiek niet: na een uur was het concert al afgelopen en begon de echte disco.