'Historische noodzaak van Europese munt is er nog'; Grondlegger Pierre Werner is optimistisch over euro

LUXEMBURG, 31 DEC. Veel mensen hebben een rol gespeeld bij het project van Economische en Monetaire Unie (EMU), maar de 85-jarige Pierre Werner kan met recht beweren aan de wieg te hebben gestaan.

Pierre toonde zich 38 jaar geleden in een toespraak in Straatsburg voor het eerst voorstander van een Europese munt, die hij de 'Euror' noemde. Destijds was hij minister-president van Luxemburg.

Anno 1998 zegt de 85-jarige Werner in een vraaggesprek dat de redenen voor een gemeenschappelijke munt nog steeds dezelfde zijn. Als bestuurslid van de onlangs opgerichte Luxemburgse centrale bank volgt hij de ontwikkelingen nog steeds. “De historische noodzaak om een unie op te zetten met een gezamenlijke munt is in Europa nog steeds aanwezig. Het was eenvoudigweg om een eind te maken aan de periodieke wereldoorlogen die in Europa begonnen zijn.'

“De kwestie was hoe de gemaakte vrede ook lang te behouden, want ik weet uit mijn eigen ervaring als jonge kerel dat economische oorlogen net zo vernietigend kunnen zijn als militaire oorlogen.'

Werner herinnert zich nog de jaren dertig toen “iedereen uit was op devaluatie ten behoeve van de export en om zichzelf te beschermen'. Deze ervaring leidde ertoe dat Werner als Luxemburgse minister van Financien in de late jaren vijftig geinteresseerd raakte in een voorstel van de Belgische bankier Fernand Collin, toen president van de Kredietbank.

“Ik was ervan overtuigd, samen met anderen, dat de stukken over de monetaire integratie in het Verdrag van Rome onvoldoende het hoofd zouden kunnen bieden aan een echte crisis', vertelt Werner. “Ik geloofde dat als we opnieuw een crisis zoals die in de jaren dertig zouden meemaken, het een enorme bende zou worden. Een monetaire oorlog.'

Nadat Werner in 1959 minister-president werd, een functie die hij tot 1974 zou vervullen en opnieuw tussen 1979 en 1984, bracht hij zijn overtuiging opnieuw naar voren.

In 1962 steunde hij de Europese Commissie toen deze de wisselkoersschommelingen te beperken in het belang van de gemeenschappelijke markt. Pas na de devaluatie van het pond sterling in 1967 en de eerste tekenen van problemen met de vaste wisselkoersen van het stelsel va Bretton Woods begonnen andere landen belangstelling te tonen.

Tegen 1970 hadden drie van de toen nog zes leden tellende Europese Economische Gemeenschap voorstellen gedaan over hoe een economische en monetaire unie te bereiken. Werner werd aangewezen als voorzitter van een comissie die uit drie voorstellen een moest kiezen. De eerste officiele blauwdruk zag in oktober 1970 het licht als het 'Plan Werner', dat op 22 maart 1971 door regeringsleiders en staatshoofden werd goedgekeurd. Volgens dit 'Plan Werner' moest de monetaire unie in drie etappes in 1980 voltooid zijn.

Werner beschreef het plan als een compromis tussen twee gedachtenstromen: 'de economisten en de monetaristen'. De eersten pleitten voor een sterkere economische integratie waarvoor een systeem van vaste wisselkoersen vereist was terwijl de laatsten geloofden dat integratie alleen door monetaire samenwerking tot stand kon komen. De eerste etappe van het plan, dat van start ging in januari 1971, was een mengeling van beiden: zoeken naar meer coordinatie van het economische beleid en het creeren van een systeem om de fluctuaties van de wisselkoersen tussen een bepaalde bandbreedte te houden.

Als gevolg van de ineenstorting van het stelsel van Bretton Woods en de oliecrisis in 1973 mislukte het plan een jaar later. “In december 1974 keken we terug op de gebeurtenissen en we besloten dat het beter was om de wisselkoersen te laten zweven, omdat anders de betalingsbalansen niet zouden stabiliseren', aldus Werner.

In sommige opzichten ging Werners plan verder dan het Verdrag van Maastricht over de EMU. Over essentiele punten als nationale budgetten en de financieringsmethoden zou moeten worden beslist op Europees niveau waarbij aan het Europese Parlement verantwoordelijkheid moest worden afgelegd.

Bijna veertig jaar later, worstelen de Europese landen nog steeds met het accepteren van budgettaire doelen en ruzien ze over belastingen.

Werner zegt dat hij optimistisch is dat de euro blijft omdat regeringen in de Europese Unie nu bereidwilliger zijn om te onderhandelen en een compromis te bereiken. “Het was moeilijk om in dit stadium te komen, maar het zou nog moeilijker zijn om er weer mee te stoppen.'

De rol die Werner heeft gespeeld, zal vandaag geeerd worden met de overhandiging aan hem van de vandaag vastgestelde omrekenkoersen.

Werner zijn rol werd op 2 mei nog eens onderstreept in een aan hem gerichte brief van de toenmalige Duitse kanselier Helmut Kohl. “Met de presentatie van een plan uit 1970 dat uw naam draagt is een droom vandaag realiteit geworden', aldus de kanselier op de dag dat regeringsleiders en staatshoofden elf landen aanwezen voor deelname aan de gezamenlijke Europese munt. “Een enkele munt was de droom van onze vaders, dankzij jou zal het het geld van onze kinderen zijn.' (Reuters)