Waterkelders

Tot ca. 1900 hadden alle huizen een waterkelder waaruit het daarin verzamelde regenwater werd opgepompt voor huishoudelijk gebruik' herinnert E. Munnig Schmidt uit Loenen zich.

“Indien alle huizen in den lande weer van waterkelders zouden worden voorzien van tien kubieke meter zou er een waterbuffer ontstaan van zestig miljoen kubieke meter.' De jury vond dit plan eenvoudig en sympathiek mede omdat de overlast hierdoor eerlijk wordt verdeeld. Een bijkomend voordeel is dat het gebiedseigen water wordt vastgehouden. Hetzelfde geldt voor het idee van Christoph Ravesloot uit Delft, om op alle platte en lichthellende daken mossen, kruiden en gras te laten groeien. De rest van het regenwater kan in individuele of collectieve regenwatersystemen worden gebufferd. “Het aardige hiervan', aldus de jury, “is dat het waterprobleem niet op een plaats wordt opgelost, maar juist overal. Dit zijn niet zozeer oplossingen als denkmodellen.'