Bang voor slimme telefoons; Andrew Davis over zijn film A Perfect Murder

A Perfect Murder is sinds gisteren te zien in 58 Nederlandse bioscopen.

Man betaalt minnaar van zijn vrouw om haar te vermoorden. Hollywood-regisseur Andrew Davis liet zich verleiden door Hitchcock en fascinatie voor de perfecte moord.

De afdeling perscontacten van Warner Bros. tijdens het filmfestival van Venetie is danig in de war van mijn verzoek. “U kunt helemaal niet met de regisseur van A Perfect Murder praten, als u niet ook met Michael Douglas en de producent wilt spreken.' De procedure ligt vast, want het betreft hier een junket: op een achternamiddag zitten journalisten uit vele landen aan tafeltjes in de Sala Tropicana van hotel Excelsior, waar regisseur Andrew Davis, producent Arnold Kopelson en ster Michael Douglas om de beurt even aanschuiven.

Met enige moeite lukt het later toch om Andy Davis, een van de intelligentste regisseurs van actiefilms die er op dit moment in Hollywood rondlopen, alleen te spreken. De joviale vijftiger, kaal met baard, reageert verrast, wanneer ik wil weten waarom hij besloten heeft om van de thriller A Perfect Murder geen remake te maken van Alfred Hitchcocks Dial M for Murder (1954), maar een heel nieuwe film, waarvan alleen de plot lijkt op het oorspronkelijke toneelstuk: “Natuurlijk heb ik niet geprobeerd Hitchcock dunnetjes over te doen, maar ik heb me toch de hele middag moeten verantwoorden. Iedereen wil weten waar ik de moed vandaan haal voor een remake. Ik wil alleen maar films maken waarvan ik het scenario kan veranderen in iets dat van mij is: sophisticated films voor een zo breed mogelijk publiek. De scenarioschrijver, Patrick Smith Kelly, was wel voortdurend aanwezig bij de opnamen, op mijn verzoek, zodat hij dialogen direct kon veranderen als dat beter uitkwam.'

Een overeenkomst tussen Dial M for Murder en A Perfect Murder is het spelen met de angst van de toeschouwer voor nieuwe technologie in de privesfeer. Toen Hitchcocks film uitkwam werd het nog als zeer bedreigend ervaren dat je door iedere willekeurige buitenstaander thuis opgebeld kon worden: in Nederland heetten film en toneelstuk dan ook U spreekt met uw moordenaar.

Nu zijn het de nieuwste snufjes van de telecommunicatie, zoals nummerherkenning en nummerherhaling, die een belangrijke rol spelen in de plot over een rijke echtgenoot (Michael Douglas), die de minnaar (Viggo Mortensen) van zijn vrouw (Gwyneth Paltrow) inhuurt om haar te vermoorden.

Davis: “We kunnen niet zonder de nieuwe technologie, maar iedereen is er stiekem een beetje bang voor. Ik speel graag met het gegeven dat de sociologie altijd achterblijft bij de technische ontwikkelingen. Ik houd van films die de realiteit enigszins uitvergroten, ze zullen me niet snel vragen voor een film die zich op Mars afspeelt. Dit is een spannende periode in de geschiedenis, een duister, maar optimistisch tijdperk. Mijn personages zijn vaak marginaal, ze leven op het scherp van de snede. Ik houd van slechteriken met een menselijk gezicht.

Andrew Davis heeft de reputatie van maker van A-films voor B-sterren; hij bezorgde Tommy Lee Jones een Oscar voor The Fugitive (1993) en maakte de beste producties met actiesterren als Chuck Norris (Code of Silence, 1985) en Steven Seagal (Under Siege, 1992). Zijn films zijn altijd slim geensceneerd en ondanks hun oogmerk te amuseren toch stevig geworteld in de realiteit. A Perfect Murder mag zich dan op chique New-Yorkse locaties afspelen, de meeste films van Davis zijn gesitueerd in Chicago, waar hij zelf geboren werd in de Southside. Aan het grofkorrelige realisme van de Chicago-films is Davis' herkomst nog af te lezen: hij was korte tijd journalist, maar radicaliseerde snel aan het einde van de jaren zestig: “Mijn grote voorbeeld was de schrijver Studs Terkel, maar ik hing mijn schrijfmachine aan de wilgen, toen ik tijdens de rellen rond de Democratische Conventie in Chicago, in 1968, gedwongen werd de telexen van Associated Press over te schrijven.

Ik werd fotograaf en later assistent-cameraman van Haskell Wexler bij de opnamen voor Medium Cool (een semi-documentaire uit 1969 over een televisiecameraman bij de Chicago-rellen, HB).'

Misdaadjournalist

Je zou denken dat een maker van actiefilms met deze achtergrond wel een bewonderaar moet zijn van voormalig misdaadjournalist en oorlogsveteraan Samuel Fuller, maar Davis ontkent dat ten stelligste: “Nee hoor, ik ben niet zo grimmig. Eigenlijk ben ik een tamelijk gelukkig mens. Het liefst zou ik komedies maken, met een zwarte ondertoon, zoals een van mijn lievelingsfilms, The Loved One van Tony Richardson.' En wie zijn zijn filmende helden? “Kijk, daar loopt er een', zegt Davis, en hij wijst op een Italiaan in wie hij ten onrechte Bernardo Bertolucci meent te herkennen, “maar ook Kubrick, Lelouch Lumet, Fellini en Oliver Stone. Stone heeft veel vijanden in Amerika, maar het is gewoon een van de beste Amerikaanse regisseurs van dit moment.'

Lange tijd heeft Andrew Davis vooral als cameraman gewerkt bij voorbeeld voor Jonathan Kaplans cultfilm over jeugdige criminelen Over the Edge. Het kost hem nu geen moeite meer dat hij als regisseur wegens de strenge vakbondsbepalingen de camera niet aan mag raken: “Als je een goede director of photography hebt, dan kun je daar blind op vertrouwen. A Perfect Murder is gedraaid door de Pool Dariusz Wolski, een groot talent, die zijn eerste bekendheid kreeg door The Crow.' De technische achtergrond van Davis is nog wel af te lezen aan zijn voortreffelijke mise-en-scene; zijn films leunen niet alleen op goede scenario's of aantrekkelijke sterren, maar vooral op het vermogen de toeschouwer te boeien door een vermogen meeslepend in beelden te vertellen.

Plannen heeft Davis volop, voor een western, voor een film die een kruising moet worden tussen Top Gun en The China Syndrome en voor een film waarin Dustin Hoffman een corrupte politieagent speelt: “Het liefst maak ik films die niet al te duur zijn. Eigenlijk is A Perfect Murder ook low-budget, al zie je het er niet aan af. De film kostte maar tien miljoen dollar, als je de honoraria voor de sterren (Michael Douglas, Gwyneth Paltrow en Viggo Mortensen) niet meetelt. Met honoraria erbij kom je al snel aan de negentig miljoen.'

Heeft Davis wel eens heimwee naar zijn radicale periode, toen hij nog geen lieveling van Hollywood was? “Jawel, regelmatig, maar we worden allemaal wat ouder. Ik woon nu in Santa Barbara, waar het bijna altijd mooi weer is. Ik heb een eigen productiemaatschappij en een goed inkomen, wat je wel met elke film opnieuw moet rechtvaardigen. Maar er blijft een speciale band met de andere Hollywoodregisseurs uit Chicago, een speciaal gezelschap bestaande uit onder meer Robert Zemeckis, Michael Mann, William Friedkin Mike Nichols. Mijn maatschappijtje heet Chicago Pacific Entertainment dat zegt het wel zo ongeveer.' Net als zijn stadgenoten besteedt Davis veel aandacht aan het alledaagse Amerikaanse grotestads-leven, en is hij niet geobsedeerd door de specifieke eigenschappen van Los Angeles of New York. Ik krijg ten afscheid een visitekaartje van de firma, met de uitnodiging hem voortaan direct te bellen, mocht ik iets nodig hebben. Op dat moment loopt er een stoet Italianen langs, waar de fotografen geen genoeg van krijgen, op weg naar de avondpremiere in het festivalpaleis. “Wie is dat? Bertolucci?' vraagt Davis. Ik moet hem weer teleurstellen het zijn de gebroeders Taviani.