Moord op een overspelige engel

In Alfred Hitchcocks Dial M for Murder (1954) vraagt bedrogen echtgenoot Ray Milland de voormalige minnaar van zijn vrouw of hij voor hem een volmaakte moord zou kunnen verzinnen. De man is schrijver van detective-romans, maar niet op de hoogte van het feit dat Milland zijn vrouw werkelijk wil laten vermoorden.

A Perfect Murder. Regie: Andrew Davis. Met: Michael Douglas, Gwyneth Paltrow, Viggo Mortensen, David Suchet. In 58 theaters.

Het beramen van een volmaakte moord is niet zo moeilijk, antwoordt hij dus onbevangen, mits je je in de misdadiger verplaatst. Maar een moord ook werkelijk plegen, daar begint hij niet aan: in een verhaal mogen de gebeurtenissen zich wel voltrekken zoals de schrijver dat wil, in werkelijkheid is dat niet altijd het geval. Wat een verstandig man, die door Robert Cummings vertolkte, Amerikaanse schrijver, die bovendien nog onbewust op de zaken vooruitloopt ook.

In A Perfect Murder, Andrew Davis' nieuwe versie van Frederick Knotts toneelstuk waarop ook Hitchcock zich baseerde, is dat wel anders — al loopt ook hier de boel volledig uit de hand en spelen een op een zorgvuldig gekozen moment gepleegd telefoontje en een verstopte sleutel een beslissende rol. De nu door Viggo Mortensen gespeelde minnaar is een beeldend kunstenaar die ordinaire doeken maakt in donkere kleuren en vol woede. Afstand nemen van de agressie in zijn werk zoals zijn voorganger bij Hitchcock deed, lijkt voor deze man wat minder gemakkelijk en het blijkt al gauw dat Mortensen een gigolo en een oplichter is met een flink strafblad.

Voor beursspeculant Michael Douglas die verkeerd gokte met geleend geld en vreest dat zijn vermogende vrouw hem zal verlaten, is deze eenvoudig te chanteren namaakkunstenaar de aangewezen man om de moord te laten plegen die van hemzelf een rijke weduwnaar zal maken.

De samenvoeging van twee personages — de minnaar en de huurmoordenaar — tot een en dezelfde man, is slechts een van de vele wijzigingen die Davis (The Fugitive) en scenarioschrijver Patrick Smith Kelly zich permitteerden. A Perfect Murder is dan ook geen slaafse Hitchcock-imitatie, maar helemaal een film van de jaren negentig, waarin de handeling van het Londense Maida Vale verplaatst werd naar New York.

Waar men destijds geen reden zag het stuk open te breken werd dat nu wel gedaan, en zo gaat het van Brooklyn via Manhattan naar Long Island en wordt ons een kijkje gegund in de kantoren van de Verenigde Naties. Daar werkt de lieftallige Gwyneth Paltrow, net zo'n overspelige engel als Grace Kelly, maar tevens een intelligente vrouw die haar talen spreekt en zichtbaar afkomstig is uit de betere kringen. Behalve voor nieuwe plotwendingen is er nu namelijk ook meer aandacht voor milieuverschil, met Douglas als de hebzuchtige nouveau riche met bijbehorend bestedingspatroon, terwijl Paltrow zich wat ingetogener gedraagt en zo chique was met hem in gemeenschap van goederen te trouwen.

Zowel voor A Perfect Murder als voor Hitchcocks versie valt wat te zeggen, al wordt die niet als zijn beste film beschouwd. Het is kiezen tussen de cynisch opgetrokken wenkbrauwen van Milland en de onverhuld honende toon, waarop Douglas naar de werkdag van zijn echtgenote informeert. Maar ook tussen de dialoogfilm waar we aan de lippen van de acteurs hangen en de plichtmatige hedendaagse benadering waarbij schoten moeten vallen, of de met de geplande misdaad contrasterende zonnige sfeer en een van meet af aan onheilspellende toonzetting.

Hitchcock is dierbaar, maar Davis verdient veel respect, want op geheel eigen wijze handhaaft hij waar het om gaat: de handelingen van slechte mensen, die nadat hun plan mislukt is, er alsnog wat van proberen te maken.