De moderne camera vergt een sterke maag

De genomineerde films zijn donderdag 3 december vanaf 10.00u te zien in City 1, de genomineerde video's vanaf 10.00u in City 6.

Twee kunstenaars worden gevolgd tijdens het ontstaan van een kunstwerk. Beiden zijn daarbij tot op zekere hoogte afhankelijk van degenen die hun werk gaan uitvoeren, beiden vragen van die uitvoerders enige improvisatie. De ene is Louis Andriessen, die in de documentaire De Weg van Frank Scheffer zo'n anderhalf jaar lang werkt aan zijn compositie Tao. De andere is Lars von Trier die we in De ydmygede (The humiliated) van Jesper Jargil bezig zien met het filmen van De idioten, die enkele maanden geleden in de bioscopen te zien was.

De twee documentaires verschillen sterk van elkaar in stijl. De weg is een film die niet alleen dienstbaar wil zijn aan wat er getoond wordt maar die ook zelf graag kunst wil zijn. Mooie beelden uit China en Japan de twee culturen die Andriessen in zijn compositie bij elkaar wil brengen soms duidelijk geensceneerde scenes waarin we bijvoorbeeld Andriessens Japanse pianiste Tomoko Mukayama heel Japans en dramatisch over een kerkhof zien snellen. “The theme is about death. Also about anger”, legt ze uit.

The humiliated daarentegen doet er alles aan om op een toevallige film te lijken, amateurwerk als het ware. De camera geneert er zich niet voor om soms gewoon naar de grond te vallen (hij hangt in iemands hand en die iemand heeft blijkbaar even iets anders te doen) of om wild heen en weer te zwiepen. Dat laatste is trouwens ook in De weg aan de hand, maar daar wordt gezwiept in het ritme van de muziek. In Denemarken zwiept men uit oogpunt van realisme. In beide gevallen verlaat de toeschouwer geheel wagenziek de bioscoop. Men moet een sterke maag hebben voor modern camerawerk.

Het verschil tussen de beide kunstenaars is enorm. We zien Andriessen zoeken naar de klank die hij wil bereiken, naar de betekenis van de tekst uit de Tao Che Tsing die ten grondslag ligt aan zijn compositie, naar geluidseffecten die het geheel `vreemd' zullen maken. “Gewoon een viool dat hebben we nu al driehonderd jaar gehoord”, zegt hij. Hij wil de mogelijkheden van het aanstrijken benutten, niet alleen van klassieke strijkinstrumenten, maar ook van kleine koeiebelletjes die een ijselijke harde hoge toon geven. “Veel mooier dan ik dacht”, zegt Andriessen verrukt. De weg gaat inderdaad over de weg die afgelegd wordt tijdens het maken van eenkunstwerk.

The humiliated gaat voornamelijk over Lars von Trier. De documentairemakers hebben de beschikking gekregen over het `dagboek' dat Von Trier tijdens het maken van de film insprak op een opnameapparaatje, en dat commentaar wordt vaak achter de beelden gezet. Von Trier laat er zich openhartig in gaan, en dat is geen feest voor wie het moet aanhoren. Alles, maar dan ook werkelijk alles, gaat over Von Trier zelf die het in zijn jeugd heel moeilijk heeft gehad en nu in zijn dagboekbandjes snikt over zijn verlangen naar liefde en naar authenticiteit en vertelt hoe hij op een dag huilde tijdens de opnames: “Ik was ineens bang voor...voor mijn talent.”

Het is allemaal heel eerlijk maar je zou het toch liever niet willen weten. Het wordt steeds moeilijker om Von Trier die geil zit te snakken naar de actrices nog serieus te nemen als kunstenaar, omdat wat hij etaleert niet zozeer `mijn talent' is, maar `mijn ijdelheid'. Nu ja, kunst blijft een raadsel daar moeten we het maar op houden.