Kok in Zuid-Amerika

NA EEN AFWEZIGHEID van ruim vijftien jaar heeft een Nederlandse regeringsleider weer zijn opwachting gemaakt in Zuid-Amerika. Vergezeld door de staatssecretaris van Buitenlandse Handel, de voorzitter van de werkgeversorganisatie en zo'n vijfendertig ondernemers hebben premier Kok en zijn vrouw elf dagen door Argentinie, Brazilie en Chili gereisd. Na het bezoek eerder dit jaar van kroonprins Willem-Alexander, eveneens aan Brazilie, is dit een duidelijk gebaar. Nederland wil de politieke en economische banden met drie belangrijke landen in Zuid-Amerika aanhalen. Dat is hoog tijd.

Door een samenloop van omstandigheden is de timing van de Nederlandse bezoeken aan Zuid-Amerika niet erg gelukkig. Lubbers kwam begin 1983 naar Brazilie, in de nadagen van de militaire dictatuur en midden tijdens de `schuldencrisis'. Kok bezoekt drie landen die moeilijke economische tijden doormaken, terwijl in Chili de arrestatie van oud-dictator Pinochet voor verscherping van de politieke tegenstellingen heeft gezorgd. Zo'n ramp is dat nu ook weer niet: Zuid-Amerikaanse landen verkeren min of meer permanent in een staat van economische problemen en van politieke opwinding. Crisis is een alledaags begrip. Wat dat betreft heeft een dergelijke reis vooral een leerzame waarde voor de Nederlandse bezoekers om de zelfgenoegzaamheid van het `poldermodel' te relativeren.

LOS VAN ALLERLEI kleinere zaken die geregeld konden worden, had de reis geen duidelijk doel. Historische banden zijn er nauwelijks, relaties met ontwikkelingshulp evenmin. Er zijn de laatste jaren geen knellende geschilpunten tussen Nederland en Argentinie, Brazilie of Chili geweest. In Buenos Aires bestond de belangrijkste publieke handeling uit de uitwisseling van voetbalshirts tussen premier Kok en president Menem. Bij president Cardoso in Brazilie heeft Kok hoogstwaarschijnlijk de kwestie-Suriname aan de orde gesteld. Met president Frei zal hij ongetwijfeld gesproken hebben over de gevoeligheid van de uitlevering van Pinochet.

Verder beklemtoonde Kok dat hij niet optrad als de boodschappenjongen van ondernemers. Het multinationale Nederlandse bedrijfsleven weet uitstekend de weg in Zuid-Amerika en heeft, anders dan in het Verre Oosten, het politieke gewicht van een premier niet nodig om deuren te openen.

ABN Amro en Ahold - om twee voorbeelden te noemen - hebben onlangs grote overnames gedaan in Brazilie. Unilever, Philips KLM, Shell, ING en andere Nederlandse ondernemingen zijn al jaren in deze landen actief en sommige hebben zelfs afgezien van deelname aan de rondreis.

IN DE AFWEZIGHEID van brandende kwesties ligt de betekenis van Koks Zuid-Amerikatour. Argentinie, Brazilie, Chili zijn democratieen met opeenvolgende burgerpresidenten die het verleden van militaire regimes achter zich hebben gelaten, economieen die de doodgelopen weg van naar binnen gekeerde, door de staat geleide ontwikkeling hebben afgezworen en gekozen hebben voor open, vrije markteconomieen. Staatsbedrijven zijn of worden geprivatiseerd, de munten zijn redelijk stabiel de handelsbescherming wordt afgebroken. Mercosur, het vrijhandelsblok onder leiding van Argentinie en Brazilie, begint gestalte te krijgen. Als politiek leider van een lidstaat van de Europese Unie kon Kok praten over de wenselijkheid van grotere wederzijdse markttoegang.

Natuurlijk er zijn de wonden van het onverwerkte dictatoriale verleden in Chili en Argentinie, de immense problemen van sociale ongelijkheid in Brazilie van financiele instabiliteit (Nederland heeft net een bedrag van 300 miljoen dollar bijgedragen aan een noodpakket van 41 miljard dollar voor Brazilie), van crises en onderontwikkeling. Maar de belangrijkste vaststelling is dat dit normale landen zijn met een gerespecteerde stem in internationale fora. Zo normaal dat een Nederlandse premier met zijn gevolg daar een zakelijk en politiek ontspannen rondreis kan maken.