Onze man in Beiroet heeft een slag geslagen

Libanon werkt er hard aan om zijn oude positie van financieel centrum voor het Midden-Oosten te heroveren. Ook veel Nederlandse bedrijven boeken succes op deze groeimarkt. Deze week verwierf de KLM onbeperkte landingsrechten in Beiroet. De ambassadeur vertelt.

“De Nederlanders zijn terug in Beiroet en ook weer helemaal back in business.' zegt de Nederlandse ambassadeur mr. Roland Mollinger die met zijn medewerkers net een nieuw ambassadegebouw heeft betrokken.

“Wij willen hier zakendoen, daar ligt voor ons de nadruk op. Om dat te realiseren moeten we ook de aandacht van pers en publieke opinie trekken vandaar dat wij ook bezig zijn met een cultureel- en mediaprogramma. Wij sponsoren bijvoorbeeld het Hamra Jazzfestival en introduceren hier Nederlandse kunstenaars. Zo krijgt het profiel van Nederland hier weer vorm.'

Tijdens en na de burgeroorlog (1975-1990) werden de Nederlandse belangen in Libanon vanuit de Syrische hoofdstad Damascus behartigd en dat bleef zo tot in 1996. Vervolgens is twee jaar in Beiroet vanuit een voorlopig kantoor aan de weg getimmerd en vorige week vrijdag is dan uiteindelijk de nieuwe Nederlandse ambassade in Beiroet officieel geopend.

Het kantoor ligt in de wijk Ashrafiyeh, het hart van het moderne zakencentrum, met een fraai uitzicht op de 'City', de baai en de haven. Die lokatie is bewust gekozen, zegt Mollinger. “Wij zijn een dienstverlenende organisatie voor onze bedrijven, we horen dus hier waar de banken gevestigd zijn en we zitten hier ook op een steenworp van het ministerie van Buitenlandse Zaken. ABN-Amro zit in hetzelfde gebouw en mijn ambtswoning is vlakbij. Dat alles geeft een enorme tijdwinst en dat weten de Nederlandse zakenlui te apprecieren.'

De economische groei van Libanon gaat volgens Mollinger pijlsnel. “Je kunt er niet vlug genoeg bij zijn. Toen wij hier naar toe kwamen was er alleen ABN-Amro, die hier al langer dan 40 jaar actief is zonder onderbreking, en ook de ING-bank had net besloten zijn activiteiten in dit deel van de wereld vanuit Libanon te leiden.

“Mijn belangrijkste doelstelling is ervoor te zorgen dat ook de Nederlandse multinationals terugkeren.' Unilever heeft vorig jaar beslist een regionaal kantoor - voor de activiteiten in Jordanie, Syrie en Libanon - in Beiroet te openen. Philips heeft zijn kantoor in Jordanie gesloten en werkt nu ook van hieruit voor de markten in Cyprus, Jordanie, Syrie en Irak (medische uitrusting die in het kader van de 'olie-voor-voedsel' overeenkomst met de Verenigde Naties naar Irak wordt geexporteerd).

Verder maakt Arcadis, de vroegere Heidemij dat hier de digitalisering van het kadaster van het ministerie van Financien voor zijn rekening neemt, een goede kans om een enorme berg afval van 5 miljoen kubieke meter te saneren die tijdens de burgeroorlog voor het oude verwoeste centrum van de hoofdstad in zee is gestort. Daarbij zal gebruik worden gemaakt van een machine die vorig jaar door Duos Engineering uit Beverwijk is geleverd. Voor Arcadis zou dat contract goed zijn voor zo'n 120 miljoen gulden.

Minister-president Hariri en de onroerend goed-maatschappij Solidere willen van het historische hart van Beiroet een internationaal financieel, commercieel en toeristisch centrum maken met de allures van Hongkong en de Londense Docklands. Die opzet is voor veel Libanezen controversieel. Megalomanie, zeggen de critici, verwijzend naar de snel toenemende buitenlandse schuld en de groeiende armoede. Maar het jongste IMF-rapport over de Libanese economie is positief. Het fonds verwacht een groei van 5 procent voor dit jaar en van 7 procent in het jaar 2002.

“De parel op de kroon kwam deze week met de doorbraak voor de KLM', zegt hij. Hariri heeft zwaar geinvesteerd in een peperdure nieuwe luchthaven waarvan de startbanen gedeeltelijk in zee zijn aangelegd.

Die nieuwe infrastructuur moet zichzelf terugbetalen en dus wil Hariri jaarlijks drie miljoen toeristen naar Beiroet lokken. Onder andere uit de Verenigde Staten, die onlangs hun reisverbod naar Beiroet hebben opgeheven.

Zelfs de kortetermijnbelangen van de Libanese luchtvaartmaatschappij MEA die niet in de VS mag landen, moesten daarvoor wijken. Aangezien de Amerikaanse airlines van hun regering om veiligheidsredenen niet op Beiroet mogen vliegen, betekent het recht van de KLM om dagelijks ongelimiteerd op Beiroet te mogen vliegen zoveel als 'open skies'.

“MEA heeft alles gedaan om een stok in het wiel van de KLM te steken', zegt Mollinger, en trots: “Ik ben tenslotte zelf naar Hariri gestapt om de zaak voor de KLM rond te krijgen. Het is voor de KLM van kapitaal belang. Als je niet dagelijks naar Beiroet en vandaar naar het Verre Oosten kan vliegen, haal je je slag op de grote Amerikaanse markt niet. Wij zijn er als eerste bij.'

Toch is niet iedereen tevreden. “De grote contracten die hier in de wacht gesleept kunnen worden zorgen voor een zware concurrentieslag en een zeer gespannen klimaat', aldus Imad Hamdad die hier het Rotterdamse bedrijf HMA vertegenwoordigt dat kleine elektrische centrales tot 100 megawatt en elektrische motoren voor de industrie maakt.

“We moeten een nauwere samenwerking tot stand zien te brengen tussen de Nederlandse overheid, de ambassade en het bedrijfsleven, willen we hier resultaten boeken. We zouden veel meer Nederlandse producten kunnen verkopen als de ambassade meer middelen had. We zijn nog nergens vergeleken met de Amerikaanse of Italiaanse en Duitse bedrijven die op massale steun van overheidswege kunnen rekenen bij hun investeringen in Libanon.'

“Hamdad is wat nerveus, hij wil absoluut het contract in de wacht slepen voor de levering van de motoren voor de kranen (Nederlandse Holec-kranen) in de geprivatiseerde containerhaven, maar de slag met onder andere Siemens is nog niet gewonnen', oppert Mollinger. “We moeten toegeven dat het de goede kant opgaat met dit land. ING-Vastgoed overweegt nu bij Solidere in het Beiroet Central District-project te investeren, wat toch wijst op een groeiend vertrouwen dat het, ook op langere termijn, wel goed komt. Het wordt niet onmiddellijk een warme vrede tussen Syrie, Irak en Israel, en dus kan Libanon waarschijnlijk als een soort trait d'union dienen. Het wordt dan heel belangrijk.'

De limousine met CD-kenteken zit zoals gewoonlijk al snel vast in een chaotische file in de hoofdstad. De ambassadeur windt zich er allang niet meer over op. Wat is de balans van zijn werk voor het Nederlandse bedrijfsleven tot nu toe? Mollinger grijpt naar zijn mobiele telefoon. “Ik ben goed in namen maar niet in cijfers. Even opvragen dus.' Blijkt dat Libanon in 1996 goed was voor bijna 190 miljoen gulden export vanuit Nederland en vorig jaar voor 280 miljoen.