Koninkrijkszaken

Als het NRC Handelsblad ernst is met de zaak van het Koninkrijk waakt de krant er voor minder slordig en bevooroordeeld te zijn in haar berichtgeving. De eerste aflevering van een serie over Koninkrijkszaken vanuit Curacao voldoet niet aan die criteria (NRC Handelsblad, 17 november). Het bevestigt een beeld van een land waar mensen maar beter hun boeltje kunnen pakken om naar het Europese deel van het Koninkrijk te gaan.

Zo wordt in het artikel de volgende tendentieuze opmerking gemaakt: “Rechts in de wijk Otrobanda fotograferen ze (de toeristen) hooguit de eerste koloniale monumenten. Piekfijn gerestaureerd. In de straten daarachter begint de verf te bladderen en worden de mensen zwarter en rumoeriger.'

Raadselachtig is de opmerking: “Op een eiland waar iedere 100 leerlingen er 43 de school verlaten voor hun eindexamen, voldoen wel meer kinderen aan het profiel van de 'risicogroep' van Antillianen.'

Dat de dochter van een snackbarhouder een welvarende oma in Jamaica zou hebben, illustreert vooral het gebrek aan kennis van de redacteur. Als de oma inderdaad welvarend was zochten haar dochter en vele anderen uit de regio geen beter leven op Curacao. De sensationele manier waarop een bewoonster van een volksbuurt ten tonele wordt gevoerd (“Mijn drie kinderen huilen van de honger! schreeuwde Chirino door de ether') bevestigen meer een negatief beeld van Curacao dan dat het een betere kijk geeft op onze complexe werkelijkheid.