Klerikale provocaties en excuses in Tsjechie

PRAAG, 28 NOV. Plotseling had het kruis uit zichzelf bewogen. Het halve meter hoge kruis op het altaar van de katholieke kerk van Cihost was eerst naar rechts geschoven, even stil blijven staan en vervolgens naar links. Het wonder van Cihost herhaalde zich wel drie tot vier keer achter elkaar tijdens de adventspreek van Josef Toufar, de dorpspriester.

En dat het een wonder was betwijfelde niemand die op de bewuste elfde december 1949 aanwezig was in de kerk van Cihost. Misdienaar Frantisek Cernohub had er met zijn neus bovenop gestaan. Hij had met eigen ogen gezien dat er een wonder geschiedde toen priester Toufar op zijn knieen was gezakt en zich in de richting van het altaar had gewend met de woorden: “Daar is onze redder'. Hier was geen sprake geweest van bedrog en het nieuws verspreidde zich al snel in de omliggende dorpen. Het katholieke volk trok massaal naar Cihost om het wonderkruis te aanschouwen.

Het was vlak voor kerst 1949. In Tsjechoslowakije waren sinds ruim een jaar de communisten aan de macht. De katholieke kerk was een geducht tegenstander.In de tijd van het Habsburgse rijk had de katholieke kerk door haar trouwe opstelling jegens (of collaboratie met) de keizerlijke kroon grote macht en rijkdom verworven in Bohemen en Moravie. In 1949 zon de communistische president Klement Gottwald op wraak. Het wonder van Cihost bood een welkome aanleiding om korte metten te maken met de 'klerikale provocatie'.

Josef Toufar werd begin 1950 opgepakt door de geheime dienst StB die van hem een verklaring eiste dat het wonder bedrog was geweest. Drie weken lang werd Toufar intensief verhoord. Bij wijze van marteling werd hij in zijn ijskoude cel 's nachts elk uur wakker gemaakt. Maar de 48-jarige priester hield voet bij stuk: er was echt een wonder gebeurd.

Op 22 februari 1950 was het geduld van de StB-ers op. Met drie man sloegen ze zes uur lang in op de koppige priester die uiteindelijk 'zijn bedrog toegaf' en een paar dagen later in een ziekenhuis overleed aan zijn verwondingen. Zijn stoffelijk overschot werd weggemoffeld op een grote anonieme begraafplaats in Praag en zijn familie wist jarenlang niet beter dan dat hij vermist was.

Deze week werd in Praag een 84-jarige grijsaard op krukken veroordeeld. De rechter achtte bewezen dat Ladislav Macha de leiding had bij het laatste verhoor van Toufar. Toen Toufar maar bleef weigeren zijn 'bekentenis' te ondertekenen, besloot Macha, als leider van het verhoor om de situatie 'op te lossen', aldus de rechter.

Vijf jaar kreeg de stokoude Macha voor zijn misdaad uit 1950. Het is de zwaarste straf ooit tegen een vertegenwoordiger van het communistische regime. Macha is onmiddellijk in beroep gegaan. Hij zou maar een ondergeschikte functionaris zijn geweest. De 84-jarige voelt zich na al die jaren niet verantwoordelijk voor de dood van Toufar.

Het kerkelijk verleden kwam dezer dagen ook naar voren in een onsmakelijke ruzie tussen de sociaal-democratische regering van Milos Zeman en de leiding van de katholieke kerk in Tsjechie. Het vertrouwen van de kerkvaders in de socialisten, die door veel Tsjechen ervaren worden als een soort terugkeer van het rode gevaar, is op zijn zachtst gezegd gering. De kerk van (toen nog) Tsjechoslowakije werd eind jaren '40, begin jaren '50 door de communisten gewelddadig buitenspel gezet. Priesters en kloosterordes werden vervolgd, kerkelijke eigendommen genationaliseerd. In een land waar de katholieke kerk door een deel van de bevolking ervaren werd als kerk van de bezetter (de Habsburgse keizer die tot 1918 het land had bestuurd) konden de communisten bijna ongehinderd hun gang gaan, dit in tegenstelling tot Polen waar de kerk juist altijd de kerk van het verzet was geweest.

Het wederzijds wantrouwen leidde deze maand tot een openlijke ruzie die uiteindelijk door president Vaclav Havel moest worden gesust.

Inzet was de gemengde commissie die moet beslissen over teruggave van het door de communisten genaaste kerkelijk bezit. “Zeman wil daar alleen maar antikerkelijke mensen in', riep aartsbisschop Vlk (volgens ingewijden een sterke kandidaat voor de opvolging van paus Johannes Paulus II). “Schande', riep Zeman terug. “Ik eis een publiekelijk excuus van de aartsbisschop.'

In het verzoeningsgesprek bij Havel bleek het allemaal op een misverstand te berusten. De commissie gaat nu vlijtig aan het werk om de teruggave van het kerkelijk bezit te regelen, in de eerste plaats de St. Vitus kathedraal op de Praags burcht. Al in 1994 besloot een rechtbank dat de kathedraal teruggegeven moest worden aan de kerk. Een golf van protest vanuit de bevolking voorkwam dat: de kerk mag er best gebruik van maken, maar waarom moet zij de monumentale kathedraal ook feitelijk bezitten?, vinden de Pragenaren. Tsjechie is het enige voormalige Oost-Europese land waar de betrekkingen tussen kerk en staat nog niet in de grondwet zijn vastgelegd en dat zal voorlopig nog wel even zo blijven.