Zorgen Borst over uitgaven hulpmiddelen; Bezuiniging niet gehaald

DEN HAAG, 27 NOV. Minister Borst (Volksgezondheid) slaagt er niet in de uitgaven voor hulpmiddelen als steunkousen, incontinentieluiers stomamateriaal, diabetesteststrips en hoortoestellen in de hand te houden.

De bezuiniging van tweehonderd miljoen gulden, waartoe Paars I besloot wordt evenmin gehaald. Dit komt in belangrijke mate doordat de minister essentiele informatie ontbeert over hoeveelheid en soort verstrekte hulpmiddelen. Ook zijn er geen eenduidige indicaties voor het voorschrijven ervan.

Dit blijkt uit de `hulpmiddelenbrief' die Borst naar de Tweede Kamer heeft gezonden. Daarin geeft de minister aan hoe zij de komende jaren de stijgende uitgaven te lijf wil gaan. Dit jaar wordt minimaal 1,3 miljard gulden aan medische hulpmiddelen besteed. In 2002 is dit, als niet wordt ingegrepen, ruim 1,6 miljard gulden. Ook als alle voorgestelde maatregelen het beoogde effect hebben wordt in 2000 het budget met zeker veertig miljoen gulden overschreden. In 2002 is dit opgelopen tot zo'n honderd miljoen gulden. Voor die overschrijding moet dan elders binnen de zorgsector financiele compensatie worden gevonden.

Volgens Borst lukt het ook niet om de tweehonderd miljoen gulden op de hulpmiddelen te bezuinigen waartoe het vorige kabinet heeft besloten. De genomen maatregelen leveren op z'n best 175 miljoen gulden op. In haar brief kondigt de minister daarom aanvullende maatregelen aan om de groei van de uitgaven te beteugelen.

Zo wil Borst onder meer stringenter voorschrijfgedrag, verlaging van de vergoeding die apothekers krijgen voor het leveren van hulpmiddelen en een scherper inkoopbeleid door verzekeraars. Verzorgingshuizen moeten voor hun bewoners centraal bijvoorbeeld incontinentieluiers gaan inkopen omdat dit goedkoper is dan wanneer de bewoners dat afzonderlijk doen. Net zoals de verzorgingshuizen worden ook de verpleeghuizen gebudgetteerd voor dit soort materiaal.

Voor de aanschaf van zaken als hoortoestellen, prothesen en orthopedisch schoeisel moet het regionale zorgkantoor toestemming gaan geven. Ook komen er termijnen waarmee iemand tenminste met een gehoorapparaat moet doen voordat er weer een nieuw kan worden verstrekt.

De minister erkent overigens dat de cijfers die zij hanteert min of meer een slag een in de lucht zijn. Zij constateert in haar brief dat “essentiele, cijfermatige beleidsinformatie' niet voorhanden is. Volgens Borst duurt het nog zeker vier jaar voordat de informatievoorziening enigermate op peil is. Ziekenfondsraad en zorgverzekeraars krijgen een centrale rol bij het op orde brengen ervan. Bovendien moet de Ziekenfondsraad een onderzoeksprogramma opzetten dat inzicht biedt in de doelmatigheid van de verschillende hulpmiddelen. Ook moet de raad richtlijnen gaan opstellen voor het voorschrijven ervan door artsen.