Van Aartsen en personeel in impasse

DEN HAAG, 27 NOV. Minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) vindt dat het veranderingsproces op zijn ministerie in het personeelsbeleid moet worden voortgezet door vergroting van efficiency en meer professionalisering. Hij blijft zich daarbij mede orienteren op de praktijk bij multinationals als Shell en Unilever.

De minister “neemt niets terug' van wat hij daarover vorige week opmerkte in een interview met Elsevier. Volgens hem ontbreekt op Buitenlandse Zaken een goede organisatie, waardoor van “de goede kwaliteit van de mensen' te weinig gebruik wordt gemaakt.

Dit heeft Van Aartsen gisteren gezegd in een gesprek met het bestuur van de Vereniging Dienst Buitenlandse Zaken (VDBZ), die hem begin deze week een kritische brief over dat interview stuurde nadat eerdere verzoeken om een persoonlijk gesprek nog niet waren ingewilligd. In zijn brief schreef VDBZ-voorzitter J. Douma onder meer dat door het interview het vertrouwen in de minister en in de voorgenomen vernieuwing van het personeelsbeleid “tot een minimum' was gedaald.

De VDBZ, die zeven van de zeventien zetels in de departementale ondernemingsraad bezet, heeft intussen steun gekregen van de overige personeelsorganisaties. In een unanieme verklaring schreef de ondernemingsraad gisteren dat zowel op het ministerie als op de ambassades in het buitenland grote onrust bestaat over de efficientie-operatie op Buitenlandse Zaken. “Van ambassades en directies wordt gevraagd bezuinigingsvoorstellen te doen zonder dat duidelijk is wat de prioriteiten van de organisatie zijn. De departmentsleiding neemt hierin onvoldoende leiding', schrijft de ondernememingsraad. Het vertrouwen van het personeel wordt door de “groeiende onrust' met de dag minder, heet het.

VDBZ-voorzitter Douma en een woordvoerder van Van Aartsen noemden het ruim een uur durende gesprek van gisteren “nuttig en openhartig'. De bewindsman had zich niet aan de toon en inhoud van de brief geergerd, zei Douma, maar die gezien als een brief van een vakorganisatie die voor de belangen van haar leden opkomt.

Van Aartsen had verzekerd dat de ambtelijke leiding van het ministerie (secretaris-generaal Van den Berg) de hoofdrol moet spelen bij de opzet van het nieuwe personeelsbeleid en de efficiency-operatie.

De minister zei dat hij niemand had willen kwetsen in het interview, waarin hij bijvoorbeeld had opgemerkt dat medewerkers meer op hun prestaties moeten worden “afgerekend'. Maar hij wil vasthouden aan vernieuwing van het personeelsbeleid en de voorgenomen organisatorische veranderingen langs die lijnen, aldus Douma gisteren. Hij is het eens met de ondernemingsraad dat vaker moet worden gezocht naar de juiste persoon voor de juiste functie (`matching') en dat er vaker tussentijds moet worden gekeken naar het functioneren van medewerkers (`job assessment'). De minister, die op BZ herhaaldelijk de kwaliteit heeft geroemd van de ambtenaren op Landbouw, zijn vorige ministerie, pleitte gisteren opnieuw voor meer uitwisseling van ambtenaren tussen departementen en de instelling een zogenoemde algemene bestuursdienst.