Uitbreiding van Den Haag vertraagd; Hof blokkeert snel besluit

DEN HAAG, 27 NOV. De gebiedsuitbreiding van de gemeente Den Haag met de nieuwbouwlocaties Ypenburg en Leidschenveen is waarschijnlijk per 1 januari 1999 niet meer haalbaar. De provincie mag van de rechter vandaag geen besluit nemen over de grenscorrecties.

De ondernemingskamer van het gerechtshof in Amsterdam heeft gisteren de provincie Zuid-Holland verboden om een besluit te nemen over gebiedsuitbreiding van Den Haag omdat de provincie niet naar behoren advies aan de ondernemingsraden heeft gevraagd.

Volgens een voorstel van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland zouden grenscorrecties ten behoeve van Den Haag nodig zijn om op termijn de financiele problemen en de ruimtenood van de stad op te lossen. De gebiedsuitbreiding zou Den Haag volgens de provincie op termijn dertig miljoen gulden per jaar opleveren.

De ondernemingsraden van de randgemeenten Rijswijk, Leidschendam Nootdorp en Voorburg hadden een zaak bij de ondernemingskamer aangespannen omdat ze van mening zijn dat de provincie te weinig tijd en informatie had gegeven om tot een advies over de grenscorrecties te komen. De ondernemingsraden zouden moeten adviseren over de personele gevolgen die de grenscorrecties tot gevolg zouden hebben. In totaal zou het voor ongeveer dertig ambtenaren uit de randgemeenten direct gevolgen hebben.

De ondernemingskamer, die drie weken geleden de provincie opdroeg dat advies aan de ondernemingsraden moest worden gevraagd, is van mening dat de provincie de adviesaanvraag opnieuw moet doen.

De huidige aanvraag zou onzorgvuldig en incompleet zijn. Door de uitspraak is het vrijwel onmogelijk geworden voor de provincie om voor het einde van dit jaar alsnog een besluit te nemen over de grenscorrecties.

Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland betreuren de uitspraak van de rechter in “hoge mate'.

De rechter maakt op deze manier het provinciaal bestuur monddood en ontneemt in feite aan provinciale Staten de mogelijkheid om zelfs maar te discussieren over oplossingen voor de ruimtelijke en financiele noden van de gemeente Den Haag.

De problemen blijven zo onopgelost', aldus gedeputeerde H. van der Goot (Bestuurlijke Zaken).

Advocaat mr. R. Duk van de provincie Zuid-Holland acht de grenscorrecties per volgend jaar nu niet meer haalbaar. Volgens hem was vandaag het laatste moment om nog een tijdig een besluit te nemen tot het invoeren van de grenscorrecties. De provincie wil nu met de betrokken overheden om de tafel gaan zitten en heeft minister Peper (Binnenlandse Zaken) gevraagd om aanpassing van de Wet op de Ondernemingsraden te overwegen.

De Haagse burgemeester Deetman noemde de uitspraak van het gerechtshof gisteren in een verklaring voor de Haagse gemeenteraad “teleurstellend, onverwacht en onevenwichtig'. Deetman is er echter nog niet van overtuigd dat de grenscorrecties op 1 januari definitief van de baan zijn. Ik roep de provincie op alle wegen te bewandelen een besluit te nemen over het GS-voorstel', zei hij.

Als de grenscorrecties niet vanaf 1 januari ingaan zal volgens de procedure een jaar gewacht moeten worden omdat het gebruikelijk is dat dergelijke correcties per kalenderjaar ingaan. De kans bestaat dat het aantal inwoners van de nieuwbouwwijken zo snel groeit dat de provincie niet meer mag beslissen over een grenscorrectie.