`Invasie Suriname beraamd in 1986'

WASSENAAR, 27 NOV. Nederland en de Verenigde Staten hebben in 1986 op het punt gestaan gezamenlijk een invasie in Suriname uit te voeren om de toenmalige legerleider Desi Bouterse ten val te brengen.

Dit schrijven de politicoloog Cees Wiebes en de historicus Bob de Graaff in het vandaag verschenen boek `Villa Maarheeze'. Daarin wordt de geschiedenis beschreven van de in 1994 na interne conflicten opgeheven Inlichtingendienst Buitenland (IDB).

Het waren de Amerikanen die in 1986 de mogelijkheid opperden van een invasie. Er kwam een samenwerkingsverband tot stand van onder meer de CIA, de IDB, de Marine Inlichtingendienst en de Amerikaanse kustwacht. In de Julianakazerne in Den Haag werd een concreet plan uitgewerkt. Dit gebeurde langs de lijnen van de Amerikaanse invasie in Grenada in 1983 waarbij het op Cuba georienteerde regime van premier Maurice Bishop een geestverwant en bondgenoot van Bouterse omver werd geworpen. Nederlandse mariniers zouden in de voorste linies moeten opereren, waarna de Amerikanen het grootste deel van de vanuit Florida uit te voeren operatie zouden overnemen. Op het laatste moment onthield de Nederlandse regering echter haar goedkeuring aan de actie, nadat uit informatie van de IDB zou zijn gebleken dat er geen alternatief voor Bouterse was. Eerder werd om dezelfde reden in 1983 een invasie afgelast. Voorts blijkt uit het onderzoek van De Graaff en Wiebes dat binnen de IDB een spion actief was voor de Israelische veiligheidsdienst Mossad. De Nederlandse majoor IJsbrand Smit had zeer geheime informatie van onder meer de NAVO doorgespeeld naar Israel. Hij werd in december 1983 ontmaskerd. Na een bezoek van de Israelische premier Shamir aan Nederland werd Smit in de gelegenheid gesteld vrijwillig te emigreren. Hij woont nog steeds in Israel en ontvangt een Nederlands staatspensioen.