Open dagen voor jonge kunstenaars

AMSTERDAM, 26 NOV. Open Ateliers op de Rijksakademie van Beeldende Kunsten, Sarphatistraat 470, Amsterdam. 27, 28 en 29/11, 12-19u.

De Rijksacademie in Amsterdam trekt kunstenaars uit alle hoeken van de wereld. Tijdens de driedaagse Open Ateliers laten ze zien waarmee ze bezig zijn: van schilderij tot karaokebar.

De Amsterdamse Rijksakademie van Beeldende Kunsten houdt vanaf morgen haar jaarlijke Open Ateliers. Drie dagen lang verandert de voormalige kazerne in een hectische kunstbeurs waarop jonge kunstenaars dingen naar de gunsten van galeriehouders en curatoren.

De deelnemers zitten op de twee jaar durende vervolgopleiding. Het idee daarvan is dat de kunstenaars, die meestal al in het bezit zijn van een diploma van een kunstacademie, zich in alle rust en zonder geldzorgen - de meesten worden gesponsord door bedrijven of fondsen - kunnen richten op hun werk. De rust moet niet al te letterlijk worden genomen, want in tegenstelling tot een veel geslotener instituut als `De Ateliers' worden ze hier niet afgeschermd van de buitenwereld of ontmoedigd hun werk tentoon te stellen. Op deze onder jonge kunstenaars zeer geliefde opleiding, waarvoor jaarlijks dertig mensen worden toegelaten, komen gegadigden uit de hele wereld af. Ze worden begeleid door internationaal bekende kunstenaars als Michel Francois, Dan Graham en Joan Jonas. De presentatie tijdens de open dagen is vooral een momentopname en geeft slechts een indruk van het werk dat de kunstenaars, die veelal nog in een ontwikkelingsproces zitten, de afgelopen maanden hebben gemaakt.

Opvallend bij de jaargang van 1998 is de sterke bijdrage van de afdeling schilderkunst. Intrigerend is het werk van Jacco Olivier, die een minuscuul vliegtuigje schilderde dat vervolgens fotografeerde en uitvergrootte tot een kleurenprint van enkele vierkante meters oppervlak. Lonnie van Brummelen ging andersom te werk en schilderde mooie monochrome doeken naar mislukte en overbelichte foto`s. Daniel Verkerk toont een serie indrukwekkende Pollock-achtige drippings met fluorescerende kleuren.

Zijn atelier, met een met spetters bevlekte vloer en een tafel vol uitgeknepen verftubes is op zichzelf al een mooie installatie.

Net als in de voorgaande jaren wordt te pas en te onpas gebruikgemaakt van het medium video. De helft van de ateliers herbergt een monitor, die over het algemeen weinig verheffende beelden vertoont. We zien een exotische vogel rondfladderen in een dierentuin, een meisje zichzelf bevredigen en een jongen tegen zijn spiegelbeeld pingpongen, maar echt overtuigen doet het niet. Interessanter wordt het wanneer de beelden op groot scherm en in een verduisterde ruimte worden geprojecteerd, zoals bij de hypnotiserende video van een eindeloos doordraaiende roltrap (Hans op de Beeck) en de haast meditatieve film van een onder invloed van licht veranderend interieur van een kerk (De Rijke/De Rooij). Het meest geslaagde videowerk is de installatie Tuin van Runa Islam uit Bangladesh. Zij toont op drie schermen de verschillende registraties van een vluchtige ontmoeting tussen een man en een vrouw in een tuin, gefilmd vanuit het standpunt van een toeschouwer en gezien door de ogen van de man en de vrouw zelf.

De actuele trend onder jonge kunstenaars om aspecten uit het alledaagse of persoonlijke leven tot kunst te verheffen, is ook op de Rijksakademie niet onopgemerkt gebleven. Er worden veel intieme snapshots en dagboekfragmenten tentoongesteld, maar ook werken die flirten met de mode- of reclamewereld. Begona Munoz Garcia ontwierp strakke trendy T-shirtjes met de opdruk `Sarphatistraat 470' en Philippe Terrier-Hermann ontwikkelde haar eigen parfum, dat zij aan de man probeert te brengen in een chic ingerichte ruimte met lederen meubels en foto's van trendy mensen.

Met een lifestyle-enquete onder de bezoekers doet de Francaise onderzoek naar haar potentiele doelgroep. Wie na de lange rondgang door het academiegebouw verzadigd is geraakt met visuele indrukken, kan altijd nog de longen uit het lijf schreeuwen in het tot karaokebar omgebouwde atelier van de Israelier Guy Bar-Amotz.