Musea oneens met kritiek op volle depots

AMSTERDAM, 26 NOV. De aansporing van staatssecretaris R. van der Ploeg (Cultuur) om de museale kunst-in-opslag beter te benutten, vinden de musea overbodig. Er gebeurt al van alles om museumbezittingen toegankelijk te maken voor het publiek, zeggen ze.

Deze week rekende Van der Ploeg op een bijeenkomst van de Nederlandse Museumvereniging voor dat er maar vijf procent van het nationale museumbezit te zien is. Door bruikleen aan postkantoren, scholen en stations, door uitruil tussen musea onderling en door digitale ontsluiting zou dit “slapend vermogen' beter ontsloten kunnen worden. Musea zouden ook langer, dus 's avonds, open moeten zijn en meer spraakmakende tentoonstellingen moeten presenteren.

“Wij brengen veel van die dingen al in de praktijk', aldus Milou Halbesma van het Centraal Museum in Utrecht. Volgend jaar voert het museum het zogenaamde kunst-op-bestelling in, waarbij bezoekers iets uit het depot kunnen opvragen en bedrijven iets kunnen huren, mits beveiliging en klimatologische omstandigheden niets te wensen overlaten.

Volgens het Stedelijk Museum in Amsterdam kan het museum op nieuwjaarsdag na elke dag open zijn dankzij een gemeentelijke subsidie.

“Daarnaast proberen we met jaarlijks zo'n veertig tot vijftig exposities in en buiten het museum - met een intensief bruikleenverkeer - zoveel mogelijk van de collectie te tonen', aldus woordvoerster Jacqueline Hagman.

Antoine Achten van de Nederlandse Museum Vereniging (NMV) benadrukt dat musea vooral ook moeten conserveren. “Het natuurhistorisch museum Naturalis beschikt over tien miljoen objecten, waaronder veel opgeprikte vliegen. Neem van mij aan: dat deel dat belangrijk is om het verhaal te vertellen staat op zaal.'

In het plan van staatssecretaris Van der Ploeg om scholen en postkantoren kunstvoorwerpen te laten leasen ziet de NMV weinig.

Achten: “Dankzij het Deltaplan voor cultuurbehoud hebben we net de klimatologische omstandigheden in onze depots een beetje op orde.

Een stationshal heeft niet bepaald de ideale bewaaromstandigheden. Dat zou het verval van kunstwerken behoorlijk kunnen versnellen.'

De enige aansporing van Van der Ploeg waar de musea zich in lijken te vinden is die van de onderlinge ruil. Dat kan beter vindt ook de NMV.

Eric Beenker, zegsman van Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam, sluit zich daarbij aan. “Op zich is het prima dat de staatssecretaris een koppeling maakt tussen subsidie en meer mobiliteit. Je kunt het niet maken om dure werken te kopen en die dan vervolgens in het niets te laten verdwijnen. Musea gedragen zich vaak als middeleeuwse ridders: ze schaken overal het mooiste meisje en sluiten dat dan op in een donkere kelder.'