Lever Ocalan aan Duitsland uit

De landen van de Europese Unie wikken en wegen over het lot van Abdullah Ocalan. Uitlevering van Ocalan aan Duitsland en hem daar zorgvuldig opsluiten biedt de beste kansen voor hen die op vreedzame wijze de strijd in Zuidoost-Turkije voor meer Koerdische autonomie willen overnemen, meent Piet Dankert.

De pest of de cholera? Van de keus waarvoor het Britse weekblad The Economist de Italiaanse autoriteiten stelt begrijpt geen Turk een snars. De dolgedraaide Turkse passagier van vlucht TK 1951 van Istanbul naar Amsterdam, zondagmorgen, die alle Italianen na een halve fles raki dood en verdoemenis wenste niet, de zeer Europees georienteerde advocaat uit Izmir, die ik zaterdag op een conferentie van Amnesty International sprak niet, de Turkse pers niet en de Turkse premier Yilmaz ook niet. Abdullah Ocalan, leider van de PKK, is een terrorist, een moordenaar van 30.000 Turken, en hij moet aan Turkije uitgeleverd worden, zo is het algemene gevoelen. Gebeurt dat niet dan heult Europa, nou ja Italie, maar in ieder geval de Italiaanse regering met het terrorisme.

Mijn tegenargumenten vielen op onvruchtbare bodem. Wij politici hebben de wet te respecteren. De Italiaanse grondwet verbiedt uitlevering aan landen die de doodstraf kennen. Geen Turk die gelooft in dat argument. Een terrorist van het kaliber Ocalan moet worden uitgeleverd, doodstraf of geen doodstraf (die overigens in Turkije sinds 1984 niet meer is voltrokken). De Turkse regering dacht er even aan die doodstraf dan maar af te schaffen. Aangenomen mag worden dat de regeerders in Ankara daarvan terugschrokken toen ze begrepen dat zo'n maatregel nog geen garantie biedt dat een uitleveringsverzoek wordt gehonoreerd. Onze Hoge Raad bijvoorbeeld had al geoordeeld in de zaak Baybasin, een Turks-Koerdische maffia baas, dat ook martelpraktijken een grond zijn om uitlevering te weigeren.

Artikel 3 van de VN Conventie tegen marteling is op dat punt heel helder en dat gaat boven andere internationale bepalingen. Dat in Turkije gemarteld wordt is door Amnesty en Helsinki Watch vaak genoeg vastgesteld.

Ook de Commissie tegen martelingen van de Raad van Europa stelde enkele jaren geleden “concerned' te blijven “ at the number and substance of torture in the State Party', dat is Turkije. Het feit dat dit openbaar gemaakt werd ondanks de vertrouwelijkheid die bij deze Commissie gebruikelijk is geeft aan hoe ernstig de situatie werd ingeschat. En het door de Europese Conventie van de rechten van de mens geeiste eerlijke proces zit er ook al niet in. De Turkse Staatsveiligheidsrechtsbanken zijn noch fair noch onafhankelijk.

De Italiaanse rechter die besloot Ocalan niet uit te leveren had dus de beschikking over aanzienlijk meer argumenten dan het grondwetsartikel dat hij volgens de media gebruikte. Desalniettemin de Turken waren met stomheid geslagen. `[...] en toen hebben ze hem nog vrijgelaten ook' kopte de Daily News zondag. Het is ook niet te begrijpen voor iemand die nu al 15 jaar lang van Ocalan alleen weet dat hij een moordenaar, een separatist, een terrorist, ja, gewoon staatsvijand nummer een is.

Onze notie dat de politiek zich aan de wet moet houden botst met de Turkse opvatting (die in de wet terug te vinden is overigens) dat de wet er is om de politiek te dienen. Een besluit van een Italiaanse rechter? Geen Turk die het gelooft. Uitlatingen van Italiaanse Groene of uiterst linkse politici dat Ocalans aanwezigheid een kans biedt vrede in het Koerdische te stichten versterkt dat ongeloof.

Van dat ongeloof naar een boycot van Italiaanse producten is maar een kleine stap. Benetton en Fiat stonden hoog op de lijst.Intussen begint men te beseffen dat men daarmee zichzelf in de vingers snijdt: het gaat om Turkse exportprodukten gefabriceerd door Turkse werknemers.

Uit angst voor pest of cholera houden de Europese vrienden van Italie zich gedeisd. De Amerikanen mogen dan solidariteit betuigd hebben aan Turkije, de leden van de EU kunnen Italie niet laten vallen, maar doen ook weinig om de Turkse druk op Rome te verminderen. De Duitsers, en blijkbaar ook de Zweden, nemen ruim de tijd om zich te beraden op een uitleveringsverzoek dat Italie in staat stelt de hete aardappel door te schuiven.

Intussen zitten wij met hem. Gevolg van, achteraf, de domheid van de Turkse generaals hem met een oorlogsdreiging Syrie uit te jagen. Ocalans vlucht is een aanwijzing dat de PKK zich in Zuidoost-Turkije niet meer kan handhaven. Het Turkse leger heeft de strijd militair gewonnen. Daarmee is de PKK niet dood. Maar de conclusie lijkt zo langzamerhand wel onontkoombaar dat de PKK als politieke organisatie in West-Europa meer kans heeft de situatie in Zuidoost-Turkije te beinvloeden dan als een door het Turkse leger in toom gehouden guerrilla-beweging. De manifestaties in Rome, de rellen in Brussel, grote bijeenkomsten als die enkele maanden geleden in Rotterdam wijzen op het vermogen van de PKK-sympathisanten een belangrijk deel van de Koerden in West-Europa te mobiliseren. Of dat politiek tot iets leidt? Het is onwaarschijnlijk dat de Turkse generaals het gesprek met de vijand aan willen gaan. In Turkijke zelf hebben ze dat al laten merken door duizenden al dan niet vermeende sympathisanten van Ocalan op te pakken. Het beste waarop we daarom kunnen hopen is dat de PKK in Zuidoost-Turkije zelf verder aan macht verliest doordat andere vreedzame krachten de strijd voor meer Koerdische autonomie overnemen. Voorwaarde daarvoor lijkt wel dat bijvoorbeeld Duitsland dan alsnog de Italianen vraagt Ocalan op grond van door tegen hem ingebrachte beschuldigingen uit te leveren om hem vervolgens zorgvuldig op te sluiten.

In de tussentijd moeten we vrezen dat terwijl Italie aan de tyfus is ontkomen door de beginselen van de rechtstaat hoog te houden West-Europa door de cholera bedreigd wordt nu Koerden en Turken er elkaar steeds openlijker bestrijden.