LEENWOORDEN

Voor gedetailleerde informatie zie het `Leenwoordenboek' (Sdu, 1996) of `Geleend en uitgeleend' (Contact, 1998).

Doemdenkers roepen dat de toevloed van Engelse woorden in het Nederlands ertoe zal leiden dat het Nederlands binnen afzienbare tijd zal verdwijnen. Als deze doemdenkers zich in de taalgeschiedenis zouden verdiepen, zouden zij tot een heel andere conclusie komen.

Al zolang er Nederlands geschreven wordt, sedert de tiende eeuw, zijn woorden uit andere talen geleend. Aanvankelijk kwamen bijna alle leenwoorden uit de Romaanse talen Latijn en Frans, de talen van wetenschap, hof, kunst en cultuur. Pas in de negentiende eeuw werd het aandeel van Germaanse talen substantieel. Aanvankelijk werden woorden vooral uit het Duits overgenomen, door de voorsprong die de Duitsers op wetenschappelijk gebied hadden weten op te bouwen. In de eerste helft van de twintigste eeuw ontstond aversie tegen het Duits en nam de invloed daarvan snel af. Het Engels vulde het vacuum onmiddellijk op. Na de Tweede Wereldoorlog werd the American way of life een voorbeeld voor de rest van de wereld.

Dat de Romaanse talen tien eeuwen lang invloed hebben uitgeoefend en de sterke invloed van het Engels pas van deze eeuw en vooral van na 1945 dateert, weerspiegelt zich in de aantallen leenwoorden. In het Etymologisch woordenboek van Van Dale komt 68,6 procent van de leenwoorden uit het Romaans, 10,3 procent uit het Engels 6,2 procent uit het Duits en 14,9 procent uit de overige talen. Maar dat zegt nog niets over het gebruik van de leenwoorden. Dat kan blijken uit de aantallen in een willekeurige krantentekst. Op vier pagina's NRC Handelsblad (van 7 april 1994) kwam 82,1 procent van de leenwoorden uit het Romaans, 7,4 procent uit het Engels, 6,8 procent uit het Duits en 3,7 procent uit de overige talen. Daarbij moet dan nog worden bedacht dat slechts eenderde van de in de krant gebruikte woorden geleend waren; de overige woorden waren erfwoorden, dus `goed Nederlandse woorden'.

Het grote aantal Romaanse leenwoorden - woorden die nu volledig zijn geaccepteerd, zoals `fabriek', `politie', `zolder' - heeft niet geleid tot de teloorgang van het Nederlands.

Ook het Engels zal dat niet veroorzaken. Zolang Nederlands de moedertaal van kinderen is en als spreektaal algemeen gebruikt wordt, zolang radio en televisie in het Nederlands uitzenden, onderwijs en openbaar leven vrijwel geheel Nederlandstalig zijn, en vooral: zolang de invloed van het Engels alleen woorden en niet taalstructuur betreft, is angst voor teloorgang misplaatst.

    • Nicoline van der Sijs