IDFA geopend met mooi groepsportret

AMSTERDAM, 26 NOV. Gisteravond opende premier Kok de elfde editie van het International Documentary Filmfestival Amsterdam (IDFA). Hij deed dat op afstand, in een in Brazilie opgenomen videofragment. Den Haag Vandaag-verslaggever Kees Boonman fungeerde als aangever. Dat was heel sportief van Boonman, want de televisiejournalist krijgt het zwaar te verduren in de openingsfilm van IDFA, de door Niek Koppen geregisseerde documentaire De keuken van Kok over de campagne van de PvdA bij de laatste verkiezingen voor de Tweede Kamer. De als een nar overal met zijn microfoon opduikende persmuskiet wordt door lijsttrekker-Kok `een probleem apart' genoemd, terwijl zijn chef Ferry Mingelen door Koppens camera betrapt wordt bij ongewenste intimiteiten met een vrouwelijk lid van Koks campagnestaf.

In de ruime voorpubliciteit rond De keuken van Kok werd de film tot nu toe veelal opgevat als een politiek document, aanleiding voor parlementaire verslaggevers om kleine nieuwsfeitjes eruit te vissen. Die oogst kon alleen maar mager zijn, want de door Koppen uit zestig uur materiaal gemonteerde documentaire van twee uur is zelfs geen systematisch verslag van de gebeurtenissen tijdens de campagne. Het is wel een schitterend impressionistisch groepsportret van de mensen die die campagne voerden.

In de trant van de onbevooroordeelde `direct cinema', die Koppen vorig jaar al beproefde in The Hunt, is De keuken van Kok een film over het onvermogen van de politiek om zich te onttrekken aan cliches en om tot de verbeelding te spreken.

De documentaire roept een indruk van algehele knulligheid op. In weinig landen zal de verkiezingscampagne van een zittende premier zo ontwapenend onprofessioneel verlopen. Alleen de lijsttrekker zelf en zijn moederlijke campagneleidster Noortje van Oostveen lijken te weten wat ze doen, de rest loopt incidenten achterna. De keuken van Kok gaat over idealisten en echte politici, wier onderlinge conflicten niet altijd duidelijk worden in de eindmontage.

IDFA-directeur Ally Derks nam het in haar openingstoespraak voorzichtig op voor de onafhankelijke documentairemakers in hun gevecht tegen de almachtige televisie: “Documentaires moeten uitdagend kunnen zijn, provoceren, de discussie aanwakkeren, niet gehinderd door enig tijdslot.' Waarna de televisie zich van zijn beste kant liet zien door een documentair scenario met een aan de realisering te besteden prijs van 275.000 gulden te bedenken. Het Stimuleringsfonds bekroonde Ali Haselhoef voor Frank en Eva, een scenario voor een film over haar ouders. Het uitgangspunt is een eenvoudige, inderdaad provocerende hartenkreet: “Mijn moeder zat achter de ramen. Mijn vader dealde en sloeg erop los. Heb ik een gelukkige jeugd gehad? Jaaah, zeker!'