Opta na strijd met KPN terug bij af

ROTTERDAM, 25 NOV. KPN verlaagt zijn telefoontarieven minder dan toezichthouder Opta eerst wilde. Krijgt voorzitter Dik van 's lands grootste telecombedrijf zijn zin?

`U heeft zich soepel opgesteld' is geen compliment voor een toezichthouder die zich moet profileren als hard maar rechtvaardig. Hans Bakker, directeur van telecom-waakhond Opta die gisteren milde tariefsverlagingen van KPN fiatteerde, spreekt liever van realisme. Opta wil de tarieven van KPN in lijn brengen met de kosten van het bedrijf. “Die norm is niet veranderd. We zijn soepel geweest in die zin dat we onze ogen niet hebben willen sluiten voor nieuwe ontwikkelingen. We hebben gereageerd op de werkelijkheid.'

Opta oordeelde begin september dat KPN genoeg had aan 13 tot 14 procent rendement op de in Nederland geinvesteerde miljarden. Een zware klap voor een telecommunicatiebedrijf dat gemiddeld meer dan 18 procent verdient op zijn investeringen in binnenlands telefoonverkeer en met een brutomarge van bijna 22 procent onder grote Nederlandse beursfondsen zijn gelijke niet kent.

Op een emotionele persconferentie riep KPN-voorzitter Wim Dik begin september dat het voortbestaan van zijn onderneming in gevaar werd gebracht. Ook van andere belanghebbenden (concurrenten, Consumentenbond) kreeg Opta zware kritiek, ondanks intensief overleg vooraf.

Nauwelijks twee maanden na de dramatische oproep van Wim Dik blijkt de schade voor KPN mee te vallen. In plaats van prijsverlagingen met een kwart tot een derde neemt Opta voorlopig genoegen met een slordige tien procent. Het bedrijfsresultaat krimpt niet met 1,1 miljard gulden op jaarbasis zoals eerst werd geroepen, en evenmin met 500 tot 600 miljoen in 1999 zoals later bleek. De prijsreductie kost KPN volgend jaar 330 miljoen aan operationeel resultaat.

Dat lijkt toch een versoepeling? “Het redelijk rendement dat KPN bovenop zijn kosten mag maken is niet veranderd', zegt Bakker.

“Daarover hebben we afspraken gemaakt met de Nederlandse Mededingingsautoriteit.' Wel heeft de telecomaanbieder Opta er met nieuwe cijfers van overtuigd dat het geinvesteerd vermogen veel hoger is dan eerder aangenomen. “De kosten van KPN zijn veranderd', zegt Bakker.

De nieuwe cijfers waarop Opta zich baseert stonden, toen ze vorige maand bekend werden, in de schaduw van de 3.000 banen die KPN op hetzelfde moment schrapte. KPN kondigde aan transmissie-apparatuur en digitale centrales versneld af te schrijven. Dat kost volgend jaar 400 miljoen gulden extra. De versnelde afschrijvingen acht KPN noodzakelijk omdat centrales en lijnen door de snelle technologische ontwikkeling eerder verouderd zijn.

De stap had niets te maken met de Opta-ingreep, zegt KPN. Maar wie garandeert dat de extra afschrijving niet een kunstgreep is om de kosten en daarmee de toegestane tarieven hoger te laten uitvallen? Bakker: “Het is niet aan ons om te beoordelen of die vervroegde afschrijvingen reeel zijn. De accountant moet beoordelen of die afschrijvingen misschien een oneigenlijk doel dienen.'

Voor scholing en een sociaal plan bracht KPN verder 800 miljoen gulden ten laste van de winst over 1998. De kostenbesparingen waarin reorganisatie en nieuwe technologie moeten resulteren zullen pas na 1999 doorsijpelen in de resultaten van KPN. Dat toepassing van nieuwe technologie en personeelsreductie voorlopig leiden tot kostentoename lijkt Bakker plausibel. “De kost gaat voor de baat uit.'

KPN maakte begin deze maand tevens bekend dit jaar 3,6 miljard gulden te investeren, fors meer dan de slordige 2,5 miljard in elk van de vier voorgaande jaren.

Bakker kan niet zeggen hoeveel KPN toch al wilde investeren.

“Maar wij zijn in elk geval met nieuwe gegevens geconfronteerd. Het zou kunnen dat de ingreep van Opta een rol heeft gespeeld in de keuze tussen investeren en het uitkeren [van dividend] aan de aandeelhouder.'

Deze zomer zal Opta het systeem waarin de rendementen van KPN gereguleerd worden inwisselen voor een systeem van tariefplafonds (pricecaps). “Wij hebben altijd naar zo'n systeem toe gewild', zegt Bakker nu. Opta heeft meer dan eens betoogd dat het onderscheid tussen tariefplafonds en regulering van rendementen kunstmatig is. Als KPN bovenop zijn kosten 13 of 14 procent mag verdienen, valt daaruit vrij eenvoudig een indicatie voor de tarieven te becijferen.

Met de overstap naar pricecaps is de toezichthouder weer grotendeels terug bij af. “We zullen opnieuw de discussie aangaan hoe gedetailleerd de plafonds moeten zijn [afzonderlijk voor elke dienst van KPN, zoals de rendementseisen, of voor de telefonie als geheel, red.] en hoeveel ruimte KPN moet krijgen', zegt Bakker. “We zullen ook opnieuw moeten kijken in hoeverre de concurrentie op gang komt en hoeveel verkeer er wordt gegenereerd. Het speelveld is weer helemaal open.'

    • Michiel van Nieuwstadt