Luchthaven in zee lijkt luchtspiegeling te worden

DEN HAAG, 25 NOV. De politieke gedachtevorming over de groei van de luchtvaart spitst zich toe op doorgroeien op Schiphol.

Er begint zich geleidelijk aan een consensus af te tekenen binnen Paars II over de vraag waar de aanhoudende groei van de luchtvaart het beste kan worden opgevangen. Dat zal toch weer op Schiphol gebeuren. De optie van een tweede luchthaven op een kunstmatig eiland in de Noordzee die enkele maanden geleden nog op veel enthousiasme kon rekenen, lijkt wat achter de horizon te verdwijnen.

De komende tijd zal nog eens grondig worden bestudeerd of die Noordzee-optie financieel en technisch haalbaar is. Een definitief besluit daarover kan dan, zo nodig, later worden genomen. Het kabinet had eerder verklaard op 18 december een besluit over de luchtvaartlocaties te willen nemen.

PvdA-fractieleider Melkert zei in een gisteren gepubliceerd vraaggesprek dat een besluit over een vliegveld in de Noordzee pas over vijf jaar hoefde te worden genomen. Wel zou alvast een procedure kunnen worden gestart om zo'n luchthaven mogelijk te maken. Intussen moest eerst maar eens de capaciteit op Schiphol maximaal worden benut binnen strikte milieugrenzen.

De uitlatingen van Melkert werden vanmorgen verwelkomd door VVD-luchtvaartspecialist Te Veldhuis. Ook zijn partij wil de groei in eerste instantie op Schiphol blijven opvangen en is van mening dat er op 18 december nog geen definitieve beslissingen kunnen worden genomen.

De VVD wil dat er nog eens grondig op drie scenario's wordt gestudeerd: een, waarbij het aantal vluchten niet boven de 600.000 per jaar stijgt en alles op Schiphol zou kunnen worden verwerkt. Een tweede waarbij de groei rond de 800.000 vluchten per jaar ligt en Schiphol een deel van de vluchten naar een luchthaven in Flevoland afstoot. En een derde scenario, waarbij het aantal vluchten zou stijgen tot boven het miljoen en het grootste deel van de vluchten op een vliegveld in de Noordzee zou worden afgewikkeld.

PvdA-luchtvaartspecialist Van Gijzel wil dat het kabinet op 18 december de “hoofdrichting' van het beleid aangeeft. Uiterlijk eind 1999 zou er een principe-besluit moeten vallen over de plaats waar de groei op lange termijn moet worden opgevangen. In die tussentijd moet duidelijk zijn of een vliegveld in de Noordzee, waarvan hij een groot voorstander is, technisch en financieel haalbaar is. Hij wil vooral dat de luchtvaartbedrijven zich dan al committeren aan een substantiele bijdrage bij de financiering van zo'n project. Een definitief besluit over de aanleg zou nog later kunnen vallen.

Ook D66'er Van Walsem voelt in eerste instantie voor doorgroeien op Schiphol.

De grootste oppositiepartij, het CDA, vindt dat het kabinet al op 18 december knopen moet doorhakken. Bij verder treuzelen zullen op de langere termijn op Schiphol onherroepelijk problemen ontstaan, stelt de partij. Het CDA geeft wel toe dat nu nog niet met zekerheid valt te zeggen of de Noordzee-optie, waarvoor het zich sterk maakt, werkelijk mogelijk is.