Leraren tonen weinig animo voor lastige klassen

UTRECHT, 25 NOV. Het lerarentekort doet zich het eerst voelen op achterstandsscholen, zeker nu de banen voor het oprapen liggen.

Hoe ze reageert als een leerling van elf haar uitscheldt voor teringwijf? Ze wordt nooit boos, zegt directeur Bonnie Belle van basisschool Carrousel. “Dan ga je een verbale strijd aan die een kind altijd wil winnen. Je zegt dus: ik zie dat je boos bent, hoe komt dat?'

En wat doet ze als een kind een rekenmachine steelt van de leraar? Bij sommige kinderen weet ze dat er thuis klappen kunnen vallen. “Ik geef hem een kans, maar zeg dat ik zijn ouders inlicht. Alleen als hij het weer doet, nodig ik zijn ouders uit.'

De vijf sollicitanten, veelal herintredende vrouwen die zich de afgelopen maanden meldden voor de vacature in de hoogste twee klassen van basisschool Carrousel, hadden geen zin om deze inzichten al doende te verwerven. Stuk voor stuk hoorden ze Belle aan, ze bedankten haar en zochten ergens anders een baan. Werk zat.

Haar leerlingen in de hoogste klassen (groep zeven/acht) zijn nu eenmaal mondig, verzucht Belle. Een jonge onderwijzer doorstond de dagelijkse pesterijen in die groep, zo'n negen maanden lang. De stagiairs en vervangers? De ene moet huilen, de ander rent de klas uit. Belle: “Ik vind dat ze op de Pabo meer over achterstandsscholen moeten leren. En zittende leraren hebben bijscholing nodig over het omgaan met de sociale problemen die de school binnenkomen.'

Het lerarentekort op basisscholen, dat zich als een olievlek uitbreidt, manifesteert zich het eerst op achterstandsscholen, zeggen zowel het ministerie van Onderwijs als de onderwijsbonden. In het ergste geval pakken zittende leraren op een achterstandsschool hun biezen en gaan ze naar een school in de provincie, op zoek naar leerlingen die minder geduld en sociale inzichten van hen eisen.

Op veel achterstandsscholen, zoals Carrousel in het Utrechtse Zuilen, meldt niemand zich enthousiast aan voor een baan in de hoogste klassen. Bijna alle achterstandsscholen kunnen door het tekort aan leerkrachten geen tijdelijke vervangers meer vinden tijdens ziekte of verlof.

Waar tien jaar geleden onderwijzers blij mochten zijn met elke (deeltijd-)baan die ze konden krijgen, hebben ze het nu voor het uitkiezen. Door de verkleining van de laagste klassen op basisscholen zijn er de komende vier jaar duizenden extra onderwijzers nodig. Ondertussen willen steeds minder schoolverlaters het onderwijs in. Op achterstandsscholen, veelal in grote steden, met veel allochtone leerlingen en kinderen uit sociaal-zwakke gezinnen, geldt het werk als het `zwaarst'. Zo zwaar dat de nieuwe bewindslieden voor Onderwijs minister Hermans en staatssecretaris Adelmund, overwegen die leraren extra te betalen. De vaardigheden die leraren op zo'n school nodig hebben - ze zijn bijna maatschappelijk werker - moeten vallen onder een hogere salarisschaal, zo bepleitten ook PvdA, GroenLinks, SP en CDA vorige week in de Tweede Kamer.

Ruim tweederde van de leerlingen op Carrousel heeft laagopgeleide ouders (met hooguit LTS), 45 procent van de schoolbevolking is allochtoon. De school heeft voor 's ochtends een broodmaaltijd ingevoerd, omdat de helft van de leerlingen zonder ontbijt op school komt. Veel kinderen gaan te laat naar bed. “Ze kunnen meepraten over programma's als Jerry Springer.'

Toen Belle de Kindertelefoon in de les behandelde, stond er prompt de volgende dag een boze vader op de stoep. “Die vroeg zich af waar ik me mee bemoeide.' Als de leerlingen van Carrousel op hun twaalfde de school verlaten, zijn er kinderen die gemiddeld twee jaar achter zijn in leesvaardigheid.

De sociale en cognitieve achterstand van kinderen die Carrousel moet zien op te heffen, heeft alles te maken met de wijk Zuilen, die sociaal zwak is. De werkloosheid onder de bewoners is hoog. De criminaliteit neemt af, maar is nog hoog. De bewoners zien hier niet graag blauw op straat, vertelt Belle. Bij huiszoekingen in verband met drugshandel hebben agenten weleens kinderen van hun bed gelicht. “En als ze zelf de politie bellen, komt die steevast te laat.'

Belle probeert sollicitanten ervan te overtuigen dat het uiteindelijk wel meevalt op haar school. “Ze mogen een week proefdraaien, ze mogen hun meest geliefde vakken geven. Ze krijgen steun en advies.' Niets helpt. Tot ze iemand heeft gevonden, staat Belle zelf voor groep zeven en acht. “Iedereen schrikt terug voor de bovenbouw.' Maar de problemen die een leraar hier te wachten staan wil ze niet onder stoelen of banken steken. Uit voorzorg, legt ze uit. “Ik heb liever dat iemand weet waar die aan begint en dat ook gedreven doet. Anders moeten we na een paar maanden weer iemand zoeken.'

Wat haar betreft mogen leraren op achterstandsscholen beter betaald krijgen en leraren van de hoogste klassen op die scholen al helemaal. Belle denkt dat `beloningsdifferentiatie' voor sollicitanten een stimulans kan zijn. “Kinderen worden steeds vroeger rijp. Je moet dus over bepaalde vaardigheden beschikken om met de hoogste klassen om te gaan. Je moet stressbestendig zijn, een beetje humor hebben en een band kunnen opbouwen met de klas.' Met name in de maanden na de CITO-toets, als de kinderen in groep acht weten naar welk middelbare schooltype ze gaan, zijn kinderen volgens Belle overal moeilijk te motiveren.

De overheid bepleit dat leraren `breed inzetbaar' worden. Belle gelooft daar niet in: “Je hebt affiniteit met een bepaalde leeftijdsgroep. Ik zou de mobiliteit die de bonden van scholen verlangen wel willen toepassen binnen mijn school maar dat kan niet. Hier zijn slechts vier van de elf leraren in staat om les te geven aan de hoogste klassen.'

Toch zouden zij en haar collega H. de Groot hun school nooit inruilen voor een `makkelijke' school met veel kinderen van hoger opgeleide ouders. De Groot: “Onze Nederlandse ouders zijn wel mondig, maar ze zijn nu eenmaal gewend om het op te nemen voor hun kroost. Wij nemen het evengoed op voor hun kroost, alleen hanteren wij andere regels dan zij, strengere. Als we ze uitnodigen om over hun kind te praten, hebben ze uiteindelijk altijd begrip voor onze visie. We hebben in de loop der jaren een band met de ouders in deze wijk opgebouwd, waardoor ze het gezag van de school accepteren.'