Kan dat bellen nu eens afgelopen zijn?

Het gebeurde in de trein van Amsterdam naar Amersfoort van 18.40 uur. In de eersteklascoupe, die vrijwel geheel was volgestroomd, begon een jongeman mobiel te telefoneren. Hij belde een kennis die bij ING Barings werkt, om te vragen of deze inmiddels al ontslagen was. Dat bleek niet het geval. Vervolgens begon de beller uit de doeken te doen dat zijn werkgever forse verliezen had opgelopen door open posities in derivaten. Ook persoonlijk had beller nogal wat schade opgelopen. Maar ja, wie is de afgelopen maanden niet nat gegaan, nietwaar?

In de coupe kon je de ergernis voelen groeien. Velen probeerden tevergeefs hun avondblad te lezen.

En toen gebeurde er iets moois. Nadat ongeveer een kwartier de holle klanken van de financiele whizzkid door de coupe waren gegaan riep iemand: “Kan dat bellen nu eindelijk eens afgelopen zijn?' Een ander vervolgde: “Die jongelui van tegenwoordig zijn geen manieren bijgebracht.' En een derde vulde aan: “Nee, en dat moeten wij nu maar eens doen.' Gevolgd door een vierde: “Als hij maar niet zo hard praatte.'

En toen was het over, de jongeman verliet bij de eerstvolgende halte verslagen de trein. Hij voelde zich ongetwijfeld niet naar waarde geschat. En de reizigers wisten: samen zijn we sterk.

Medereizigers! Samen kunnen we de terreur van de GSM's de baas. We laten ons niet meer ringeloren. Roep de bellers tot de orde. En een begin kan zijn het publiceren van al hun verkondigde bedrijfsgeheimen.