Zalm verruimt meldingsplicht van bedrijfstop; Rapportage toezichthouder

DEN HAAG, 24 NOV. Minister Zalm van Financien wil dat bestuurders en commissarissen van effectenuitgevende bedrijven voortaan hun transacties met bedrijfseffecten rapporteren bij de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE).

Deze toezichthouder maakt op zijn beurt de gemelde handelingen openbaar. Dit staat in een conceptregeling die Zalm gisteren naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De meldingsplicht is bovendien uitgebreid. Werknemers die kennis kunnen nemen van koersgevoelige informatie hebben ook een meldingsplicht. Ook bestuurders van bepaalde groepsmaatschappijen en hun directe familieleden (eerste graad) moeten hun aan- en verkooporders voortaan bekendmaken. Beursgenoteerde bedrijven moeten daarnaast nog een reglement opstellen voor directie, commissarissen en bepaalde werknemers over het bezitten en handelen met effecten.

De eigenaars van personeelsopties krijgen daarentegen meer lucht. De nieuwe wettelijke regeling over voorwetenschap, die dit voorjaar door het parlement was aanvaard, was zo streng dat optiebezitters binnen het bedrijf hun rechten nauwelijks uit konden oefenen. De opties waren eigenlijk waardeloos. Om vooral bestuurders bij ondernemingen meer ruimte te geven is de bepaling over personeelsopties verruimd. Ook krijgen bedrijven meer vrijheid bij het uitgeven van aandelen.

Wel eist Zalm dat zij de toekenning van opties ten minste twee maanden vooraf melden bij de STE. Als de optiebezitters onmiddellijk hun verkregen aandelen willen verkopen, moeten zij dat voornemen ook twee maanden tevoren bekendmaken. De uitoefeningsperiode voor opties is intussen beperkt tot vijf dagen voorafgaande aan de expiratieperiode.

De strengere regels hebben alles te maken met de bestrijding van misbruik van voorkennis. Ook wordt de effectenmarkt doorzichtiger. Bestuursleden die snel hun belangen verminderen (zoals bij de oude Daf en Tulip) worden onmiddellijk herkend. Beleggers kunnen daardoor sneller reageren.

Fraudegevallen zoals in de Weweler-zaak, kunnen hiermee worden voorkomen. In deze zaak werden familieleden van de president-commissaris van dit beursfonds verdacht van handel met voorkennis. Een schoonzoon werd in december 1996 tot drie maanden gevangenisstraf veroordeeld, een boete van 25.000 gulden en ontneming van de omstreden winst (ruim 32.000 gulden).