Verplichte eindtoets (1)

Amsterdam In de discussie over een voorgenomen verplichte uniforme eindtoets voor leerlingen van het basisonderwijs (NRC Handelsblad 17 november) is geen aandacht geschonken aan een aspect dat van grote invloed zal zijn op mogelijke invoering van een dergelijke toets. Nu wordt de Citotoets enkele dagen voordat deze wordt afgenomen naar de scholen toegezonden.

Wie bekend is met het veld, weet dat dit leidt tot allerlei vormen van calculerend eigenbelang: sommige leraren kijken vooraf de opgaven in om vergelijkbare problemen alvast met kinderen te bespreken, anderen gaan over tot het volledig kopieren van de toets en deze met de leerlingen vooraf helemaal bespreken. Ongetwijfeld is dit een minderheid, maar toch. Als de scores op een dergelijke eindtoets zo breed in de publiciteit gebracht gaan worden, dan mag verwacht en geeist worden dat dergelijke de schoolvergelijking ondermijnende praktijken onmogelijk worden gemaakt.

Een serieuze oplossing voor dit probleem is het instellen van een gecommitteerde die toezicht houdt op de uitvoering van de Citotoets in het klaslokaal. Dit staat evenwel dwars op de wijze waarop nu veel leraren uit het basisonderwijs deze toets presenteren: het is een moment waarop de prestaties vastgesteld worden.

Misschien is een gecommitteerde in de klas niet een noodzakelijke toevoeging, maar dan zal toch eerst dit praktische probleem op andere wijze moeten worden opgelost. Hieraan is tot nu toe nog steeds geen aandacht besteed. Een verplichte uniforme eindtoets kan niet gebaseerd zijn op de goede trouw van de leraar.