Nieuwe Europese weg

LINKS IS AAN de macht in grote delen van de Europese Unie, maar op de financieel-economische kaart ligt links stevig verankerd in het midden. Vanuit de nieuwe Duitse en Italiaanse regeringen waren voorstellen gekomen die duidden op een breuk met de orthodoxe Europese beleidsconsensus, maar inmiddels zijn de rijen weer aardig gesloten. Een bijeenkomst van de tien sociaal-democratische ministers van Financien afgelopen zondag - gevolgd op maandag door een bijeenkomst van de ministers van Financien van de elf eurolanden en van de Ecofin, de voltallige EU-raad van vijftien ministers van Financien - heeft een opvallende overeenstemming over gematigdheid opgeleverd.

Het document `De nieuwe Europese weg', dat de sociaal-democraten omarmden, weerspiegelt weinig van het economisch activisme dat de Duitse minister van Financien, Oskar Lafontaine, of de Italiaanse premier Massimo d'Alema, de afgelopen weken uitdroegen. Geen extra overheidsuitgaven, geen oproepen tot renteverlagingen, geen politieke sturing van de centrale bank, geen externe vaste wisselkoers voor de euro. Maar vasthouden aan de uitgangspunten van de EMU: monetaire stabiliteit en begrotingsdiscipline. En een terughoudende omschrijving van de rol van de overheid: “De staat treedt op waar markten tekortschieten.'

Natuurlijk, het sociaal-democratische document legt daarnaast politieke nadruk op de dringende noodzaak om de werkloosheid in de EU te bestrijden. Ook de Europese Centrale Bank (ECB) wordt opgeroepen om daartoe met zijn monetaire beleid bij te dragen. In dezelfde zin hebben de ministers van Financien van de landen die deelnemen aan de euro, de zogenoemde euro-11 zich gisteren uitgelaten toen ze spraken over de gewenste policy mix voor euroland. Vasthouden aan de strikte begrotingsdiscipline van het EMU-pact moet de ruimte bieden voor een relatief soepel monetair beleid. Met andere woorden: lage overheidstekorten geven de ECB de mogelijkheid om de rente verder te verlagen. De ministers van Financien zijn kennelijk doordrongen van het inzicht dat het alternatief van oplopende tekorten wel eens tot het omgekeerde effect van hogere rente zou kunnen leiden.

IN DE ECOFIN raakten de ministers van Financien toch nog slaags met elkaar over harmonisatie van de belastingen. Hierbij gaat het onder meer om het voortbestaan van belastingparadijzen binnen de EU, zoals Luxemburg, de Kanaaleilanden, Man, Gibraltar en nog zo wat fiscale schuilplaatsen.

Hoewel begrip valt op te brengen voor het standpunt dat belastingpolitiek ook in de EMU, nationaal beleid blijft, is het duidelijk dat deze belastingparadijzen in hun huidige vorm op den duur onhoudbaar zijn.

Maar belangrijker is dat de brede overeenstemming over de uitgangspunten van het monetaire en financieel-economische beleid die de afgelopen jaren bestond, na de aanvankelijke oprispingen van ouderwets-linkse economische recepten, zich lijkt te hebben hersteld. Dat de nieuwe linkse regeringen zo snel bijleren, is, vijf weken voor het begin van de Economische en Monetaire Unie, een positief teken.