Kosovo-missie blijft gevaarlijk

Vandaag zou de Tweede Kamer stemmen over het voorstel van CDA en GPV om niet deel te nemen aan een waarnemersmissie in Kosovo. De VVD kondigde aan dat voorstel te steunen, maar gaat nu alsnog akkoord met het zenden van waarnemers. De partij is de laatste dagen zwaar onder druk gezet het eerdere standpunt te herzien, om daarmee een kabinetscrisis te vermijden. De discussie over deelname aan een riskante OVSE-missie is daarmee ondergeschikt geworden aan het lot van de coalitie. Dat is een levensgevaarlijk precedent. Het lijkt erop dat men elk besef van verhoudingen heeft verloren.

Het kabinet vindt het `verantwoord' om deel te nemen aan een waarnemersmissie die moet toezien op de naleving van het akkoord tussen Milosevic en de internationale gemeenschap. Minister van Buitenlandse Zaken, Van Aartsen, (VVD) heeft daarom “met de grootste klem en de grootst mogelijke kracht' afgeraden om het voorstel te steunen. Een meerderheid in de Tweede Kamer, bestaande uit CDA, VVD, SP en de kleine christelijke partijen, achtte vorige week de situatie echter niet veilig genoeg om aan zo'n missie deel te nemen. Daar zijn redenen voor die D66-Kamerlid Jan Hoekema onvoldoende aan bod laat komen (NRC Handelsblad 19 november). Zo laat hij onvermeld dat de spanning in Kosovo dagelijks toeneemt.

Na de Servische terugtrekking van zware wapens, in overeenstemming met resolutie 1199 van de VN-Veiligheidsraad, is er sprake van herbewapening zowel aan Servische zijde als aan de kant van het Kosovo Bevrijdingsleger UCK. NAVO-opperbevelhebber Wesley Clark voorziet binnen twee tot vier maanden een gewelddadige confrontatie tussen beide partijen. Volgens de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Albright, dagen de etnische Albanezen de Servische soldaten uit. Zo zouden zij vlak voor het weekeinde in de buurt van Prilep, honderd kilometer van provinciehoofdstad Pristina, een aanval hebben uitgevoerd op een Servische patrouille en daarbij twee politiemensen hebben gedood. Het is niet verantwoord om onder die gespannen omstandigheden diplomatieke waarnemers, gewapend met een aktetas, naar Kosovo te sturen.

Ons land is niet alleen gevraagd om 30 tot 50 man diplomatiek personeel voor de waarnemersmissie te leveren, maar ook om 150 militairen voor de reddingsmacht in Macedonie.

Die zou in actie moeten komen bij aanvallen op, of gijzeling van de waarnemers.

Eventueel zouden in kort tijdsbestek alle waarnemers uit het gebied geevacueerd moeten worden. Zonder waarnemersmissie vervalt echter de noodzaak van het stationeren van een reddingsmacht in Macedonie.

Als er in een dergelijke situatie wel een waarnemersmissie naar Kosovo wordt gestuurd is dat hinken op twee gedachten. Dat houdt namelijk in dat je de situatie in Kosovo niet veilig genoeg acht voor Nederlandse waarnemers, maar wel voor die van andere landen.

Overigens vat Hoekema het SP-standpunt onterecht samen als zou de partij `overal tegen' zijn. Maar we hebben ons niet verzet tegen deelname aan de luchtwaarnemersmissie met patrouillevliegtuigen aangezien dit wel op veilige manier kan plaatsvinden.

In zijn bijdrage laat Hoekema ook de kernproblemen onbesproken.Zo ontbreekt het aan een politiek akkoord tussen Milosevic en de etnische Albanezen, die hopeloos verdeeld zijn. Een deel van de Albanezen wil onder leiding van hun leider Rugova aan de onderhandelingstafel gaan zitten om resultaten te boeken, terwijl krachten binnen het Kosovo Bevrijdingsleger kiezen voor de gewelddadige weg naar een onafhankelijk Kosovo. De internationale gemeenschap wil echter niet verdergaan dan beperkte autonomie.

De strijders van het bevrijdingsleger hebben er dus belang bij om het conflict te laten escaleren, waardoor de NAVO zich alsnog genoodzaakt ziet om luchtaanvallen op Servie uit te voeren. Het provoceren van de Servische politie, zoals nu gebeurd, is een eerste stap in die richting. Door het feit dat de troepen van Milosevic verantwoordelijk zijn voor de veiligheid van de waarnemers, wordt dat probleem versterkt.

De etnische Albanezen zullen daaruit afleiden dat de internationale gemeenschap partij heeft gekozen voor het wettige gezag van Milosevic. Volgens hen zitten de diplomatieke waarnemers in het verkeerde kamp. Dat maakt het risico van gijzeling en aanslagen levensgroot. Bij eerdere gijzelingen, onder meer in Bosnie, stond de internationale gemeenschap vrijwel machteloos. Toch dreigen we in dezelfde situatie verzeild te raken. Er is nu al sprake van bedreiging van diplomatieke waarnemers. De eventuele komst van een reddingsmacht naar Macedonie zal daar niet veel aan veranderen.

Over deelname aan internationale missies heeft de Tweede Kamer vrijwel altijd een eensgezind besluit genomen. Dat ligt ook voor de hand omdat het gaat om vraagstukken van leven en dood. Het fiasco in Srebrenica vormde echter een keerpunt in de bereidheid om troepen te leveren.

Van eensgezindheid is nu dan ook geen sprake meer. Dat brengt de regering en in het bijzonder de VVD-ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie in verlegenheid omdat zij internationaal al hebben laten weten deel te willen nemen aan deze missie. Om de VVD en de oppositie toch te overtuigen, hebben zij een geheime bijeenkomst aangekondigd om tegenstanders nader te informeren over de veiligheid van de missie. Die geheimhouding zal het publieke debat over dit vraagstuk beperken, maar de VVD de ruimte bieden om toch in te stemmen met deelname aan de missie.

Zonder de aanwezigheid van een politiek akkoord tussen de strijdende partijen, en een garantie met betrekking tot de veiligheid, is er van echte verandering van de situatie in Kosovo echter geen sprake.

Op rationele gronden kan de VVD haar standpunt dus niet wijzigen. Het is hooguit het voortbestaan van de coalitie dat de VVD over de streep heeft getrokken. Een slechtere reden voor deelname aan internationale vredesoperaties is nauwelijks denkbaar.