Democraten Rusland: `een tegen extremisme'

MOSKOU, 24 NOV. De in Rusland verguisde democraten en hervormers hebben vandaag de begrafenis van hun martelares Galina Starovojtova, het parlementslid dat vrijdag in St. Petersburg werd doodgeschoten aangegrepen voor een appel tegen fascisme en communisme.

Juist nu president Jeltsin opnieuw door ziekte is geveld, tekent zich een scherpe tweedeling af in de door crises geplaagde samenleving. Duizenden rouwenden begeleidden het lichaam van de 52-jarige voorvechtster van de rechten van de mens en democratie naar de begraafplaats van het Aleksandr Nevski-klooster in St. Petersburg, waar beroemdheden als Tsjaikovski en Dostojevski begraven liggen. Radio- en televisiestations namen drie minuten stilte in acht. Ex-premier Tsjernomyrdin riep bij de begrafenis op tot de vorming van een democratisch front “opdat we morgen niet wakker worden in een ander land'.

“Land in twee kampen gesplitst', kopt de Nezavisimaja Gazeta vandaag, met als ondertitel: “Glijden we af naar een dictatuur?' Premier Jevgeni Primakov sprak gisteren naar aanleiding van de moord op Starovojtova de verzamelde veiligheidsbazen indringend toe: “Ik eis van de ordebewakende instanties dat zij met discipline en doelmatigheid optreden tegen misdaad, corruptie en al die zaken die al hebben geleid tot beschamende excessen, zoals de moord op een Doemalid en antisemitische verklaringen. Dit is de weg die leidt tot nazisme. Wij zullen die weg resoluut afkappen.'

Maar vanmorgen kregen aanhangers van de ultrarechtse Zwarte Honderd-partij wel toestemming om voor de Doema hun jodenhaat te ventileren. Zo'n veertig in zwart geklede mannen toonden zich solidair met ex-generaal Albert Makasjov, een Doemalid dat zonder de veroordeling van zijn communistische fractiegenoten “smouzen' de schuld geeft van Ruslands economische crisis. “De jodenkliek zal sterven onder de Russische terreur', stond er op een plakkaat.

In emotionele krantencommentaren is de moord op Starovojtova, “de stem van de democratie', al vergeleken met die op Sergej Kirov in 1934, alom beschouwd als het startschot van Stalins campagne van Rode Terreur in de jaren dertig.

De FSB, opvolger van de KGB, is nu belast met het onderzoek - dit tot grote zorg van Amnesty International. Amper twee weken geleden beschuldigden FSB-agenten hun eigen superieuren ervan een moordaanslag op zakentycoon Boris Berezovski te hebben bevolen. Uit wantrouwen jegens de FSB gaat de krant Kommersant nu zelf op zoek naar de daders. Behalve Berezovski heeft ook Anatoli Tsjoebais, “de koning van de privatisering', verklaard dat er eind 1997 een aanslag op zijn leven is beraamd.

Starovojtova was het zesde Doemalid dat sinds 1993 is vermoord en het vijfde slachtoffer van een huurmoord dit jaar in St. Petersburg. Maar ze is het eerste slachtoffer zonder louche zakenbelangen. “Vrouw vermoord om politieke idealen', zo typeerde de krant Segodnja de oorsprong van de woede in Rusland. De Komsomolskaja Pravda vraagt zich af: “Wie is de volgende in de rij?' en wijst op de verkiezingsrace voor de Doema (1999) en het presidentschap (2000). De talloze kwalen die Jeltsin aan het ziekbed kluisteren hebben de campagnes nu al op gang gebracht. Jeltsins woordvoerder suggereerde een direct verband tussen de moord op Starovojtova en de jongste koortsaanval van de president: “De afgelopen dagen waren voor hem emotioneel en psychologisch erg zwaar.' Jeltsin ligt met een longontsteking in het ziekenhuis, en al is zijn toestand stabiel en de koorts gezakt, hij is te zeer verzwakt om koningin Beatrix te ontvangen.

In een reactie op de aankondiging dat premier Primakov zich gereed moet houden om “elk moment het waarnemend presidentschap op zich te nemen', kopte de krant Moskovski Komsomolets: “Kremlin begraaft zijn president.'

Communistenleider Gennadi Zjoeganov eist de afkondiging van de noodtoestand en vervroegde verkiezingen, voorstellen die Primakov beslist van de hand wijst. “We zullen geen stappen nemen die het land opnieuw door elkaar schudden en leiden tot dictatoriale vormen van bestuur.'