'Ik ben een waarnemer'; Hella Haasse over toneelstuk 'Schaken met Diponegoro'

AMSTERDAM, 23 NOV. Morgen gaat Schaken met Diponegoro van Hella Haasse in premiere. Ter gelegenheid van haar tachtigste verjaardag, als geschenk speelt het Zeeuwse Gezelschap van de Zee dit stuk. Willem Nijholt maakt ermee zijn regiedebuut.

“Het feest van toneel is het samenspel, de saamhorigheid van schrijver, acteur en regisseurs die een voorstelling maken. Theater raakt me geweldig.' De schrijfster Hella Haasse komt zojuist uit het repetitielokaal, waar ze elke dag te vinden was. Het is voor haar een 'geschenk' dat het uit Middelburg afkomstige Gezelschap van de Zee haar vergeten toneelstuk Schaken met Diponegoro gaat opvoeren geregisseerd door Willem Nijholt.

Met deze voorstelling komen tal van toneelherinneringen bij Haasse naar boven. In 1941 studeerde zij af aan de Amsterdamse toneelschool en een maand later debuteerde ze als vijfentwintigjarige actrice, in Mariken van Nimwegen. Er viel haar veel lof ten deel; men prees haar “jeugdige onbevangenheid, gratie en charme'. Jaargenoten waren Elisabeth Andersen en Liane Saalborn.

Ze zegt: “Het was voor mij duidelijk: ik wilde aan het toneel, misschien niet zozeer als actrice maar wel als schrijfster. Ik werkte veel met Luisa Treves. Mijn ideaal klinkt nu ouderwets, maar ik draag het nog steeds uit: ik ben een voorstander van de eenheid van tijd, plaats en handeling. Voor mij is de tekst het begin van alles. In de tekst is alles gegeven waar de acteurs vervolgens mee gaan werken. Het schrijven is een eenzame en individuele bezigheid, het maken van toneel niet. Een tekst activeert alle medewerkers. Dat is het geheim van taal. Acteurs zouden zich meer in dienst van de taal moeten stellen, dan zou het toneel er heel anders uitzien. Het woord 'vernieuwing' boeit me niet zo.'

Het toneelstuk Schaken met Diponegoro schreef zij aan het eind van de jaren zestig voor de Haagse Comedie op verzoek van dramaturge Helen Simonis. In diezelfde tijd keerde zij terug naar Java, waaruit haar reisboek Krassen op een rots ontstond.

Toen kwam ze op het idee een toneelstuk te wijden aan de Javaanse vrijheidsstrijder Diponegoro die een beslissende rol speelde in de Java-oorlog (1825-'30). Diponegoro, geboren in 1780, leidde de opstand tegen de Hollandse koloniale overheersing. Hij stierf in 1855. Door de Nederlanders werd hij zwaar gestraft met levenslange opsluiting in het Fort Rotterdam te Makassar. Op een schilderij van de negentiende-eeuwse schilder J.W. Pieneman staat hij als een heroische figuur afgebeeld. Het heeft Hella Haasse altijd verbaasd dat geen van onze Nederlands-Indische schrijvers veel aandacht aan Diponegoro heeft gewijd; Multatuli - die in hem toch een geestverwant zou moeten zien - niet, Daum evenmin, Du Perron ternauwernood.

Haasse heeft het toneelstuk opgebouwd als een familiedrama dat zich halverwege de vorige eeuw afspeelt. Ze schetst met haar personages de confrontatie tussen de Nederlandse burgerij en de Indische waarden. In een studie werd Diponegoro eens vergeleken met een 'koninklijk roofdier' en ook wel 'een geschiedkundig Hamlet-type'.

Hella Haasse schreef in de jaren zestig en zeventig tal van stukken minstens tien, die helaas in de lade verdwenen. Misschien doordat het toneelbestel na Actie Tomaat ingrijpend wijzigde.

Haar toneelstuk Een draad in het donker is inmiddels klassiek geworden. Elk keer weer wordt het opgevoerd, niet bij de officiele gezelschappen, wel door kleinere. Het is een bekoorlijk, intrigerend stuk met een grote aantrekkingskracht. En voor het Haagse gezelschap de Nieuwe Komedie schreef ze Geen Bacchanalen.

Zijzelf beschouwt de gebeurtenissen rondom haar stukken eerder 'als een verandering van beleid'. “Ik zag deze voorstelling, althans op schrift, als een zwart-witte daguerreotypie die langzaam tot kleur en leven kwam.

Het Javaans-Indische element zou dan dat kleurrijke accent moeten geven, het Nederlandse bleef verhulder en donkerder. Ik ben een kijkmens,' vervolgt Hella Haasse, “een waarnemer. Alles wat je opschrijft, moet je eerst gezien hebben, zowel in een toneelstuk als in romans. De indrukken van de werkelijkheid als kleur en beweging zijn daartoe belangrijk. Op het toneel krijgt alles wat je zegt een functie, sterker dan in de roman. Van mijn toneeljaren heb ik veel geleerd voor mijn literaire werk.'

Het Indie waarover Haasse in dit stuk schrijft, heeft ze goed gekend. Toen zij in haar jeugd op het vooroorlogse Java verbleef, was de maatschappij daar nog goeddeels zoals halverwege de vorige eeuw. Haar roman Heren van de thee speelt zich in dezelfde jaren af.

Hella Haasse: “Tijdens het schrijven van dit toneelstuk kon ik me de mensen, zowel de Nederlandse als de Indische, goed voorstellen. Ik kende hun conflicten van loyaliteit aan het Nederlandse gezag en hun vaak moeizame positie in de Indische wereld - een wereld van geheimzinnigheid en rituelen. Willem Nijholt voelt die wereld heel goed aan. Er is ook een andere regisseur aan het werk, Kees Scholten. Vergeet hem niet te noemen. Har Smeets en Annemarie Heyligers symboliseren toegewijd de Indische wereld. Het is prachtig om mee te maken hoe zij samen dit toneelstuk tot stand brengen. Als ik in het repetitelokaal ben, ben ik ver weg van de stilte van mijn werkkamer. Dat vind ik fijn.'

Schaken met Diponegoro van Hella Haasse door Gezelschap van de Zee. Premiere: 24/11 Diligentia, Den Haag. Reisvoorstellingen t/m 3/12. Inl. en res.: (0118) 659 652.