Het Margiono Quintet; CHARLOTTE MARGIONO OVER

AMSTERDAM, 23 NOV. “Vorig jaar vreesde ik dat de pollenallergie mijn stem definitief had aangetast. Wolken pakten samen boven mijn hoofd, want als zanger ben je je stem. En onbewust wist ik dat ik per se muziek wilde blijven maken. Dan maar geen grote operarollen. Toen is het idee voor het Margiono Quintet geboren. Het ziet er nu naar uit dat mijn stemproblemen verleden tijd zijn, maar ik heb mijn oude plan niet overboord gegooid. Integendeel, opera is leuk, maar kamermuziek kan meer van jezelf worden.'

Dinsdagavond debuteert in het Amsterdamse Concertgebouw het Margiono Quintet: Charlotte Margiono (sopraan), Marijn Mijnders en Susanne Jaspers (viool), Gert Jan Leuverink (altviool) en Yke Viersen (cello). Het Quintet brengt werken van Pergolesi tot Jurriaan Andriessen, soms gecomponeerd voor sopraan met strijkkwartet, soms speciaal voor deze bezetting bewerkt. In de toekomst wil het Quintet tien concerten per jaar geven met eigentijdse muziek en als bewerkingen van populaire opera-aria's.

“Het Quintet is geen strijkkwartet met toegevoegde sopraan. We zijn echt een ensemble van musici die het Quintet uit idealisme inpassen in een toch al beredruk bestaan. Ik zing eind deze maand voor het eerst de titelrol in Rusalka van Dvorak, de anderen hebben een drukke baan bij het Concertgebouworkest, maar we zijn allemaal even fanatiek. Ik ben altijd gewend geweest dat ik de onstuitbare aanvoerder ben, maar nu heb ik vier kornuiten naast me die ook lekker tekeer durven te gaan. Die gelijkwaardigheid onderling maakt de repetities ontzettend leuk.

“Mijn relatie tot kamermuziek is heel dubbel. Ik ben dol op de klank van strijkerinstrumenten en speel ook zelf graag altviool met de familie van mijn man en hier in Purmerend in een amateur-orkest. Maar als zangeres heb ik te maken met liedrecitals, en dat vind ik een stijve manier om muziek over te dragen. De zanger komt op en begint in de kromming van de vleugel dertig ernstige liederen te zingen. Ik kan daar niets mee. Het werken in een groep geeft me de vrijheid die ik in een gewoon liedrecital meestal mis. Je interpreteert samen de muziek en het publiek is daarbij een prettige, passieve medepassagier. Ik vind dat een fascinerend proces.

“We willen de stukken zo mooi en natuurlijk mogelijk laten klinken, maar in welke stijl we dat doen interesseert ons niet. De achttiende eeuwse arie antiche die op het programma staan, brengen we haast automatisch wat strakker van toon en met wat minder vibrato. We spreken gewoon alle vijf dezelfde muzikale taal.

“Ik weet niet welke koers het Quintet in de toekomst zal varen. We gaan samenwerken met pianist Ed Spanjaard, misschien later ook nog wel met blazers, en ik hoop dat op een gegeven moment componisten stukken voor ons zullen gaan componeren. Maar ik mag ook graag dromen van een mooie cd met Italiaans repertoire of van optredens bij de Vijf Uur Show of Laat de Leeuw.

“Muziek moet naar de mensen. Gelukkig heeft klassieke muziek door De Drie Tenoren of Andrea Bocelli al veel minder afstand tot het publiek dan tien jaar terug. Soms gaan zulke over cross-over projecten ook mij iets me te ver, maar ik vind het niet goed om er arrogant de schouders over op te halen. Wij hebben een vrij populaire bewerking van Bizets Carmen op het programma staan, maar brengen ook de Lieder fur Madchen die lieben van Heinz Krause-Graumnitz, die klinken naar Hindemith of een vroege Schonberg. Een slagzin staat hoog in ons vaandel: wat we ook doen, het moet gewoon keigoed zijn. Klaar uit.'

Margiono Quintet met o.a. Part, Respighi, Krause-Graumnitz, J. Andriessen: 24/11 Concertgebouw Amsterdam (uitverkocht); 2/12 Muziekcentrum Vredenburg, Utrecht; 21/3 Dr. Anton Philipszaal Den Haag. Rusalka (concertant); Radio Symfonie Orkest o.l.v. Leos Svarovsky 29/11 Muziekcentrum Vredenburg, Utrecht.