Afgoden in een seculiere wereld

Nexus nr. 21. Afgoderij. Uitg. Nexus Instituut Tilburg. tel. 013 4663450. Losse nummers f 34,50

In Engeland wordt de Millenium Dome gebouwd, een enorm bouwwerk met in het midden een reusachtig beeld: een mens op een zetel, vijftig meter hoog. “Een tempel gewijd aan de mens' noemt Rob Riemen, directeur van het Nexus-instituut dit. En hij heeft het over de verwachting dat 'toekomstige generaties in groten getale hun mateloze bewondering voor dit mensbeeld zullen belijden'.

Heeft het woord 'afgoderij' nog wel betekenis in een zo langzamerhand toch wel bijna helemaal seculiere wereld? Dat wilde het Nexus-instituut wel eens weten, en dus organiseerde het een conferentie in de serie 'Het testament van de twintigste eeuw' met als titel: 'Afgoderij'. Het is duidelijk dat de directeur zelf gemakkelijk een voorbeeld van afgoderij kon verzinnen: die enorme tentoongestelde mens.

In het laatste nummer van het tijdschrift Nexus wordt de vraag naar wat afgoderij is en wat het begrip nu nog zou kunnen betekenen steeds weer gesteld, door denkers, schrijvers en kunstenaars als Michael Ignatieff, Leszek Kolakowski, Peter Sellars, Allan Janik. Er is eigenlijk niemand die vindt dat het begrip nu geen inhoud meer heeft, maar wat die inhoud is, daarover verschillen de meningen wel degelijk.

Natuurlijk wordt er veel geschreven over de 'moderne afgoden', geld, seks, macht en roem verschillende keren onder verwijzing naar Francis Bacon die dat 'de afgoden van de stam' heeft genoemd. Wat is ermee gewonnen om dergelijke doelen 'afgoden'te noemen? In ieder geval dit: dat we duidelijk maken dat het niet om goden gaat. Wie het heeft over afgoden duidt iets aan dat vals is, iets dat de verering niet waard is. En het is de verering niet waard omdat er geen absolute waarden door vertegenwoordigd worden. “Dankzij deze metafoor [van de afgoderij] weten we dat er iets onzuivers gefabriceerds en niet-authentieks kleeft aan de verering van een zuiver menselijke vorm' schrijft Michael Ignatieff.

In zijn stuk zet Ignatieff het seculiere humanisme af tegen de religie. hij laat zien hoe verschillend in beide levensbeschouwingen het begrip afgoderij wordt ingevuld.

“De twist komt op het volgende neer: de religieuze partij gelooft dat we de mens voor zijn vernietigingsdrang kunnen behoeden als hij door de knieen gaat; volgens een humanist is dit alleen mogelijk als hij op eigen benen staat.'

De geschiedenis geeft geen van tweeen gelijk, toch wil Ignatieff zich graag uitspreken en niet blijven steken in de tegenstelling. Uiteindelijk kiest hij voor een bescheiden humanisme een humanisme dat niet trots is op zijn pure menselijkheid, maar dat inziet dat we onszelf moeten beschermen tegen 'onze krankzinnige gehechtheid aan geweld'.

De filosoof Allan Janik schrijft ook over Francis Bacon en de verschillende soorten door hem onderscheiden 'idolen'. Hij wijst erop dat men over het algemeen nogal geneigd is om wel Bacons 'kennis is macht' te citeren, maar geen rekening te houden met de 'diep christelijk motivatie' achter diens pleidooi voor 'de bevordering van het leren'. Bacon was uit op de verwezenlijking van de christelijke naastenliefde, niet op een ongebreidelde machtsuitoefening - het najagen van prestige, autoriteit, geld etc. beschouwde hij nu juist als idolatrie. Janik komt ook met een definitie van afgoderij: “Afgoderij bestaat in onze tijd dus daarin dat we ons de verleiding permitteren te vergeten dat mensen het beeld van God zijn.'

En dat ook over God heel verschillend gedacht kan worden wisten we al, maar het blijkt nog weer eens te meer uit dit interessante nummer, waarin een verhelderend en geleerd stuk staat over waarheid en afgoderij in de islam, een verdediging van het heidendom, een stuk waarin uitdrukkelijk gesteld wordt dat god niet dood is.

Nexus geeft elke keer weer veel te overdenken en veel te lezen, het lijkt soms wel meer een manier van leven dan een tijdschrift, omdat elk nummer de lezer verplicht tot opnieuw standpunten en een houding bepalen, tot het steeds weer herzien of juist consequent vervolgen van oude gedachtengangen.

En er is weinig heerlijker en meer de moeite waard dan dat.