Tijdbom Ocalan

DE ARRESTATIE VAN Koerdenleider Abdullah Ocalan in Rome leek aanvankelijk zo vanzelfsprekend. De chef van de PKK, de Koerdische Arbeiderspartij wordt beschuldigd van (internationaal) terrorisme. Turkije zoekt zijn uitlevering, Duitsland en Zweden - de laatste in verband met de nooit opgehelderde moord op premier Palme - eigenlijk ook, al houden deze landen zich even opvallend stil. Maar binnen een week leidde de aanhouding tot een diplomatieke twist tussen de twee mediterrane NAVO-landen Turkije en Italie, tot betogingen van Koerden in verschillende Europese steden tegen Ocalans eventuele uitzetting naar Turkije en brandstichting in gebouwen van de Koerdische gemeenschap in Brussel. De Koerdische en de Turkse diaspora in Europa staan na dagen van opwinding en geweld dreigend tegenover elkaar.

Het Koerdenvraagstuk manifesteert zich in een aantal concentrische cirkels. In de binnenste speelt zich de emancipatiebeweging van de Turks-Koerdische gemeenschap af die, al weer jaren geleden, escaleerde tot een ware burgeroorlog in Zuidoost-Turkije. Het Turkse leger is er intussen in geslaagd het platteland te ontvolken en de grotere plaatsen in de ijzeren greep van de staat van beleg te houden. De PKK, de gewapende Koerdische afscheidingsbeweging in Oost-Turkije, heeft zich moeten terugtrekken op het Turks-Iraakse grensgebied waar de organisatie zich met moeite handhaaft tegenover rivaliserende Iraaks-Koerdische partijen en de geregelde invasies van de Turkse strijdkrachten.

IN HET DOOR DE internationale gemeenschap van Iraakse troepen gevrijwaarde Noord-Irak spelen twee Iraaks-Koerdische groeperingen een spel van aantrekken en afstoten. Zij hebben na de Golfoorlog onder Amerikaanse druk korte tijd samen een regionaal bewind gevormd dat echter is bezweken onder de traditionele onderlinge spanningen. Strijd wordt afgewisseld met toenadering. Iran en Irak trekken ieder aan een uiteinde van het koord dat de Koerdische gebieden in Irak met elkaar verbindt.

Ocalans arrestatie en de Turkse eis van zijn uitlevering hebben een scherpe reactie uitgelokt onder in Europa verblijvende Koerden. De PKK heeft de laatste jaren haar invloed binnen de Koerdische diaspora, vooral onder jongeren, aanzienlijk weten te versterken ten koste van andere groeperingen. Op oproepen van de PKK voor bijeenkomsten en betogingen wordt doorgaans met enthousiasme en grensoverschrijdend gereageerd. Het succes van het activisme en de propaganda van de PKK laat zich meten aan de betuigingen van steun aan Ocalan in de straten van Rome en andere Europese steden.

TURKIJE KRIJGT DE rekening gepresenteerd van zijn jarenlang volgehouden onverzoenlijkheid. De recente Turkse bedreiging van Syrie met een invasie leidde weliswaar tot de uitzetting van Ocalan uit dat land, maar de ontwikkelingen sindsdien hebben het bewind in Ankara weinig reden tot voldoening gegeven. In Turkije heeft de altijd bestaande spanning tussen Turken en Koerden lynchachtige trekken gekregen, de regering wankelt onder de plotselinge last van de door de Turkse strijdkrachten met de verjaging van Ocalan uit Syrie ontketende crisis.

De nieuwe Italiaanse regering probeert van haar kant zich uit de problemen te redden door van de onverwachte aanwezigheid van Ocalan een even origineel als riskant gebruik te maken. Naar het voorbeeld van president Clinton in Ulster werpt zij zich op als grote verzoener. De PKK zou haar terroristische verleden hebben afgezworen en zou bereid zijn tot onderhandelingen over een vorm van Koerdische autonomie binnen de Turkse staat. Om te beginnen overwegen de Italianen gunstig te reageren op een verzoek van Ocalan om asiel. De Italiaanse rechter heeft gisteren geen gevolg willen geven aan een Turks internationaal aanhoudingsbevel.

Kans op toenadering lijkt nauwelijks aanwezig. De Turkse regering bevindt zich niet in een positie om op de Italiaanse ouverture in te gaan. De Turkse strijdkrachten hebben het laatste woord wanneer het om de staatsveiligheid gaat. En van de Turkse generaals behoeft ten opzichte van de PKK geen tegemoetkomendheid te worden verwacht. De zware verliezen die het leger door de jaren heen bij de bestrijding van het Koerdische separatisme hebben geleden hebben de PKK tot een obsessie gemaakt. Voor de circa 30.000 doden die de strijd in Oost-Turkije heeft gekost, stellen de Turkse autoriteiten uitsluitend de PKK verantwoordelijk.

De bereidheid van de Turkse strijdkrachten om over de uitlevering van Ocalan een oorlog met Syrie te beginnen, spreekt voor zichzelf.

EEN VERDER VERBLIJF van Ocalan in Italie zal de verhoudingen binnen de NAVO ernstig belasten en de toch al gevoelige Europees-Turkse relaties verder ontwrichten. Maar bovenal bedreigt de oplopende spanning tussen de Koerdische en Turkse gemeenschappen in Europa de interne veiligheid van een ruimere kring van staten. De door Turkije afgedwongen verdrijving van de PKK-leider uit Syrie zal eerder tot geweld dan tot verzoening leiden.