Regering Israel in verwarring

De coalitie van de Israelische premier Netanyahu rammelt. Er zijn aanwijzingen dat gedacht wordt aan het vervroegen van de algemene verkiezingen, om tot een regering van nationale eenheid te komen.

Premier Benjamin Netanyahu stuit in zijn nationalistische regeringscoalitie op groeiend verzet tegen verder terugtrekken uit de Westelijke Jordaanoever.

De meerderheid die donderdag voor de overdracht van twee procent van het nog bezette deel van de Westelijke Jordaanoever bij Jenin stemde, is eigenlijk een schijnmeerderheid. Slechts zes van de zeventien ministers schaarden zich achter Netanyahu. De anderen onthielden zich van stemming of schitterden door afwezigheid. Netanyahu had ook in de Knesset deze week in de parlementsfracties van zijn coalitie geen meerderheid voor het akkoord van Wye Plantation. De linkse oppositiepartijen en Arabische partijen behoedden hem voor een parlementaire nederlaag.

Minister van Handel Natan Sharansky, die in Wye Plantation een van de sleutelministers tijdens de onderhandelingen met de Palestijnen was, is van steun voor het akkoord op donderdag teruggevallen op stemonthouding. Duidelijker kan de verwarring in de regeringscoalitie over Netanyahu's ommezwaai van een sentimentele ideologische positie naar hard, door de Amerikaanse president Bill Clinton gedicteerd, pragmatisme niet worden gedemonstreerd. In dit proces heeft Netanyahu met dagelijks verbaal gezigzag over de Palestijnse kwestie veel Israeliers het uitzicht op politieke duidelijkheid onthouden.

De vraag is hoelang Netanyahu met zo'n rammelende coalitie het vredesproces met de Palestijnen nog verder kan trekken. De tegenstanders en stemonthouders in zijn regering nemen al stellingen in met oog op vervroegde algemene verkiezingen. Er zijn aanwijzingen dat Netanyahu overweegt deze na uitvoering van het akkoord van Wye Plantation uit te schrijven om in het centrum van het politieke spectrum de vredeswinst binnen te halen.

De weg komt dan open voor de vorming van een regering van nationale eenheid om met de Palestijnen over de uiteindelijke vredesregeling te onderhandelen.

Voor het zover is kunnen terroristische aanslagen van zowel Palestijnse kant als van de zijde van de kolonisten het akkoord met de Palestijnen torpederen. Op wederzijds vertrouwen is dit akkoord beslist niet gebaseerd. Israel heeft de Palestijnen in het onderhandelingsproces dermate hooghartig behandeld en het zelfrespect van Yasser Arafat zo op de proef gesteld dat het al een wonder is dat er een akkoord is, en gisteren zelfs de eerste fase is uitgevoerd.

Om Palestijns land voor de stichting van een Palestijnse staat te krijgen, is Arafat echter bereid het hoofd zo diep voor Netanyahu te buigen dat hij in de Palestijnse straat zo langzamerhand als een collaborateur wordt afschilderd. De overigens snel bijgelegde ruzie over de kaart van terugtrekkingen van gisteren spreekt boekdelen. De Israelische regering besloot, zonder de Palestijnen daarin te kennen de kaart donderdagnacht nog wat te veranderen. Gistermorgen kregen de Palestijnse officieren een andere kaart te zien dan eerder was overeengekomen.

Kennelijk op hun hoede hadden de Palestijnse officieren deze misleiding onmiddellijk door. Uiteindelijk werd ook dit probleem opgelost maar tot wederzijds vertrouwen als basis voor vreedzame coexistentie draagt zo'n incident niet bij. Zo gauw Arafat na het onder Palestijns gezag brengen van zoveel mogelijk land zijn rug weer strekt komen er volgens de Israelische kolonisten grotere en ernstiger moeilijkheden met de Palestijnen dan Israel ooit heeft gekend. De kolonisten stellen zich in ieder geval in op oorlog in plaats van op vrede. Dus doen de Palestijnen hetzelfde.