Mergelstad; VALKENBURG ZOEKT UITBREIDING ONDER DE GROND

De Limburgse stad Valkenburg wil uitbreiden. Kan het niet in de breedte dan maar in de bodem. Tussen de mergellagen.

ONDERGRONDSE architectuur in ons land is voornamelijk in de Randstad te vinden in de vorm van sobere en onopvallende gebruiksruimtes zoals spoor- en metrostations. Maar het kan ook anders. Uit bijvoorbeeld het NS-station Blaak van H.C.H. Reijnders en de Coolsingeltraverse (in de volksmond: de 'Koopgoot') van Pi de Bruijn blijkt dat ondergronds monumentaal en sociaal veilig gebouwd kan worden mits de ontwerper oog heeft voor licht, lucht, vorm en materiaal.

In Limburg diende de ondergrond sinds het Stenen tijdperk voor winning van grondstoffen zoals vuursteen, mergel en steenkool. In recenter tijden was de ondergrond ook een uitweg, zoals voor het Rijksarchief in Maastricht en de concertzaal onder het conservatorium. Het nieuwste voorbeeld daarvan wordt misschien Valkenburg, dat een uitweg voor zijn ruimtenood zoekt in een 270 kilometer lange net van mergelgangen. De 18.000 inwoners tellende gemeente zou daarmee de eerste kleine stad zijn die de diepte in gaat.

Valkenburg kampt met een nogal biergericht uitgaansimago, wat kapitaalkrachtige en rustige toeristen van een bezoek weerhoudt. De stad probeert dat imago te verbeteren door opening van onder andere een nieuw Holland Casino en een kuuroord, de Thermae 2000. Tevens beschikt zij over een te beperkte ruimte. Uitbreiden naar de omringende waardevolle gebieden is verboden dat zou ecologische kapitaalvernietiging zijn. Daarom zoekt Valkenburg nu een uitweg onder de grond. Het gemeentebestuur schreef, met dit voor ogen, de 'Atlantis 2000' prijsvraag uit, waarbij architecten en studenten werden opgeroepen voor twee plaatsen een nieuwe onder- en bovengrondse bestemming te ontwerpen.

De opgave voor architecten was het zogeheten Cauberg-Polfermolen-gebied, bestaande uit een heuvel tussen de Geul aan de noordzijde en het plateau van Margraten in het zuiden.

Deze Cauberg eindigt met een steilwand en gaat noordwaards over in de vlakke Polfermolen, op dit moment een saneringswijk. De Plenkertstraat langs de berg moet de stad, zo wil het gemeentebestuur, door de aanleg van nieuwe in- en uitgangen, verbinden met de zogenoemde 'Romeinse trap' in de berg. Valkenburg ziet hoogwaardig amusement, aansluitend op het casino en het kuuroord, als bestemming van deze ruimtes.

De studenten kregen een eenvoudiger opgave: zij moesten het gebied rondom en onder de kasteelbouwval en een belendende camping hertekenen. Daarbij ging het in de eerste plaats om een ondergrondse doorgaande fiets- en wandelroute tussen de Daalhemmerweg en het Berkelplein. Beide ontwerpen moeten de kwaliteit van de stad verhogen, maar mogen de vorm van de Cauberg en van de burchtheuvel met de bekende 'Fluwelen Grot' niet aantasten. De ondergrondse ruimtes moeten een 'veilig welkom' uitstralen en voor de 'eeuwigheid' gebouwd worden omdat ze moeilijk gesloopt kunnen worden. 'Het gaat ons vooral om de visie op de ondergrondse ruimte' lichtte burgemeester C.A.C.M. Nuytens toe. 'Misschien leiden de ontwerpen tot aanzetten voor concrete plannen.' Volgens juryvoorzitter prof. Pi de Bruin, was 'Atlantis 2000' de eerste internationale prijsvraag op het gebied van ondergronds bouwen, met Valkenburg als aanleiding. 'Het had ook Peking kunnen zijn.'

Vijfenzeventig belangstellenden uit 22 landen reageerden. Hun bijdragen staan afgebeeld en beschreven in een boek met meer dan 150 half- en geheel ondergrondse ruimtes waaraan de jury, als aanduiding van een nieuwe richting in de architectuur, de naam 'Geotectuur' verleende. Over het draagvermogen van de ondergrond van Valkenburg hadden de ontwerpers niet te klagen.

In de laatste fase van het Krijt werden hier op de toenmalige zeebodem 40 meter dikke mergellagen afgezet. Keltische bewoners - zij noemden het materiaal 'marga' - bouwden er hun huizen en heiligdommen van en gooiden het als mest op hun akkers. Uit die afgravingen ontstond een 'gangen-, zalen- en zuilenstelsel'. De meeste gangenstelsels hebben een rechthoekig plan van drie meter hoge en vijf meter brede gangen; harde vuursteen- en mergelbanken dwongen de delvers echter soms tot de aanleg van grilliger paden. Een dergelijk complex gaat zonder ondersteunende maatregelen een tot zes eeuwen mee. In de vorige eeuw zijn delen van de grotten ingestort. De ontwerpers mochten daarom versterkingsbogen aanbrengen en de gangen verbreden van vijf meter tot koepels van 15 meter. De ontwerpers moesten ook een oplossing vinden voor het microklimaat. Er heerst hier zomer en winter een temperatuur van 10 a 11˚ C en de luchtvochtigheid is 96 a 100 procent.

De studenten-hoofdprijs ging naar B. Hedegger en L. Canali van de universiteit van Graz, Oostenrijk. De Fluwelen Grot onder het kasteel geeft volgens hun plannen toegang tot een onderwereld met onder andere een zwembad. Ook de toegang tot een hotel komt op dit ondergrondse niveau. Oude schoorstenen worden benut als lichtschachten naar de bovenwereld.

De winnende professionele inzending was van de Amsterdamse architecten Bossers, Van Oyen en Van Bienen. In dit plan wordt de genoemde Plenkertstraat een eenrichtingsweg annex wandelpromenade en het begin van een oost-westas langs achtereenvolgens een ondergronds plein, catacomben, de Lourdes- en de Gemeentegrot, een bierhal en een geologische expositie naar een wenteltrap naar de Cauberg.

Een noord-zuidas loopt op zijn beurt vanaf de oevers van de Geul langs het genoemde plein naar het Casino en de Thermae 2000. Water uit de Geul moet zorgen voor plantengroei op hangende tuinen onder een lichtkoepel op de berg. Beide gangen zullen zoveel mogelijk in hun huidige staat kunnen blijven bestaan en met eenvoudige middelen worden opgetuigd tot iets wat tot de verbeelding spreekt. Met vier nieuwe ingangen worden deze assen in het stratenplan van Valkenburg opgenomen en verkent de bezoeker letterlijk terloops de grotten. Een soort Alice in Onderland.