Brussel heeft twijfels over boekhouding Scholten

'Voluit positief' was volgens J.N. Scholten de uitkomst van een onlangs afgeronde audit naar zijn hulporganisaties voor Afrika. Bewijsstukken wil hij niet prijsgeven. Deze blijken lang niet allemaal positief.

PvdA-senator J.N. Scholten toonde zich geen moment verslagen. Twee dagen nadat een negatieve studie naar zijn stichtingen AWEPA (parlementariers voor Afrika) en AEI (Afrika Europa Instituut) openbaar werd, maandag 9 november, zei hij tegen de NCRV-radio: “Er is ook een zogenaamde audit, een financieel onderzoek van de Europese Unie. Dat is afgerond in maart van dit jaar met een voluit positieve conclusie. Dus dan kan er geen sprake zijn van financieel wanbeheer'.

Scholten reageerde op een evaluatie van het management van de stichtingen, waarvan hij voorzitter is. De twee, gevormd in de strijd tegen apartheid verplaatsten de laatste jaren hun aandacht naar andere werken in zuidelijk Afrika - zoals versterking van jonge democratieen.

In de kritische evaluatie, gemaakt voor de regeringen van vijf donoren (de Noordse landen en Ierland), wordt de cultuur in Scholtens stichtingen 'autocratisch' en 'geheimzinnig' genoemd. Er rijst twijfel uit of de kleine 30 miljoen gulden subsidie die de stichtingen tussen 1985 en 1996 kregen, effectief is besteed. Het management zou een 'gebrek aan professionaliteit' hebben en 'kortzichtig en inefficient' werken. Scholten, oud-Tweede-Kamerlid voor het CDA en sinds dit jaar senator voor de PvdA, heeft blijkens het rapport jaarlijks 150.000 gulden inkomsten uit de stichtingen.

Scholten was niet geimponeerd door de managementstudie. “Niet uitgebalanceerd', zei hij eerder tegen deze krant. Hij meldde er bij dat twee andere evaluaties verricht op verzoek van de Europese Unie, wel positief waren beeindigd. In het ene geval betrof het een voorlopig rapport over het praktische effect van AWEPA/AEI-projecten in Afrika. Scholten had dat stuk, vertelde hij, onlangs in Brussel besproken en was “gefeliciteerd' met het resultaat.

Publicatie van het definitieve rapport duurt overigens nog een maandje. Toch wilde Scholten op verzoek van deze krant niet al een kopie van het concept vrijgeven.

De andere positieve evaluatie aldus Scholten, betrof de later tegen de NCRV genoemde audit. Die is wel definitief afgerond. “De EU beeindigde deze studie een half jaar geleden met een officieel bericht aan mij dat ze openstaan voor nieuwe voorstellen', aldus Scholten eerder tegen deze krant. “Deze audit had een zeer positieve uitkomst [...] U kunt mij vertrouwen dat dit absoluut waar is.' Niettemin weigerde hij ook van dit rapport een kopie ter beschikking te stellen.

“Dear Mr. Scholten', staat boven de brief die de Europese Commissie 16 juni 1997 aan hem richtte. Directeur-generaal ad interim P. Soubestre - ambtelijk hoofd van 'DGVIII', de Europese dienst ontwikkelingssamenwerking - rekent erin voor dat de Europese Unie tussen 1988 en 1996 21 AWEPA/AEI-projecten steunde, in subsidie optellend tot ruim 7 miljoen Ecu. Voorts gewaagt Soubestre dat december 1996 “voorbereidend onderzoek' is verricht naar de boeken van AWEPA/AEI waarna de Commissie “een meer diepgravend onderzoek' uitvoerde in april 1997. De Commissie vat de uitkomsten als volgt samen: “[...] twijfels rijzen over de kwaliteit van uw financiele rapportages aan de Commissie'.

Negen eisen formuleert DG Soubestre in zijn brief, waaronder het openen van aparte bankrekeningen per EC-project, een rechtvaardiging van de overhead, en het - via een externe accountant - uitschakelen van de mogelijkheid van dubbele financiering door donoren. En ten slotte: “U zult begrijpen dat nieuwe aanvragen voor subsidiering van AWEPA/AEI-projecten alleen overwogen kunnen worden als de bestaande problemen zijn opgelost.' Getekend, 16 juni 1997, “yours sincerely' Philip Soubestre.

Hoe kon nu maart dit jaar, zoals Scholten tegen de NCRV-radio zei, deze audit toch 'voluit positief' uitpakken? V. Bhardwag, head of audits op het DG van Soubestre, schetst op grond van het dossier hij was zelf nog niet in functie wat na zomer vorig jaar gebeurde: AWEPA/AEI namen een organisatie-adviseur in de hand, ze kwamen nieuwe systemen van financiele verantwoording overeen, openden aparte bankrekeningen, beloofden geen bussiness class maar nog slechts economy te vliegen, bleken betrouwbare facturen te kunnen overleggen, beaamden kleine onregelmatigheden, en verrekenden 60.000 Ecu te veel betaalde subsidie met lopende projecten.

“We hebben de problemen geidentificeerd en die samen opgelost', zegt Bhardwag. “AWEPA/AEI realiseerden zich onvoldoende wat we allemaal willen weten.' Hij bevestigt dat april dit jaar een brief aan Scholten is uitgegaan waarin de Europese Commissie meldt projectvoorstellen van AWEPA/AEI “voortaan weer in overweging te nemen'. Hoe Bhardwag het eindresultaat beoordeelt? “Positief. Ik begrijp wel dat je kunt zeggen dat AWEPA/AEI tekort zijn geschoten maar dat is een negatieve interpretatie. Zo wil ik niet denken.'

Niet dat Scholten hiermee alle financiele controleurs van zich af heeft geschud. De ironie wil dat vanaf april, toen het goede nieuws uit Brussel kwam,de argwaan over Scholtens ideele werken opnieuw groeide. Toen ging immers de door vijf donorlanden gevraagde studie naar het management van AWEPA/AEI van start, die drie weken geleden gereedkwam en bol staat van de negatieve waarnemingen. Zoals: incomplete financiele overzichten over 1997, het niet beschikbaar zijn van de maandelijkse rekeningen over het eerste kwartaal van 1998, uiteenlopende reis- en onkostenvergoedingen voor werknemers en bestuurders, financiele verwevenheid van AWEPA/AEI en opnieuw grote betalingen (“inclusief maandsalarissen') in cash.

Het is voor de vijf donorlanden die deze studie vroegen, reden nu zelf een audit te entameren, bevestigt N. Dabelstein van het Deense ministerie van Buitenlandse Zaken. “We hebben hiervoor een contract getekend met KPMG', aldus Dabelstein gisteren. Hij zegt dat ook de EC-audit aanleiding is voor het nieuwe onderzoek.