“Winst terug bij verzekerde'; Verzekeringskamer wil rekenrente verlagen van 4 naar 3 procent

Door de aanhoudend lage rente dreigen de levensverzekeraars volgens de Verzekeringskamer op termijn in financiele problemen te komen. Vijf vragen aan bestuurder A. Kool van de toezichthoudende Verzekeringskamer.

De maatregel van de Verzekeringskamer kwam deze week nauwelijks als een verrassing. Om financiele problemen bij levensverzekeraars te voorkomen kondigt de toezichthouder aan de rekenrente (het gegarandeerde rendement voor polishouder) van 4 naar 3 procent te verlagen. De verzekeringsbranche juicht, want door de aanhoudend lage rente kost het levensverzekeraars steeds meer moeite om de ontvangen premies met een rendement van 4 procent te beleggen. Die 4 procent is het rendement dat de polishouders minimaal is toegezegd.

Iedereen dus blij? Nee, het gevolg van deze technische ingreep is een forse stijging van de premies voor een levensverzekering: om toch tot een gegarandeerd eindbedrag te komen moet de inleg met 10 tot 20 procent worden verhoogd.

Is dat niet de gemakkelijkste weg? Jarenlang verdienen de levensverzekeraars een dikke boterham, even tegenwind en de Verzekeringskamer grijpt in.

“Allereerst heeft de lagere rekenrente alleen betrekking op verzekeringspolissen die vanaf komend jaar worden afgesloten. In de afgelopen jaren was de rente op de kapitaalmarkt hoger en dat weerspiegelt zich nog steeds in het hogere rendement van bestaande polissen. Daarin verandert niets. Verder is het zo dat de winsten voor een groot deel weer ten goede komen aan de verzekerden, omdat de meeste levensverzekeringen een winstdeling kennen.'

Maar is die ingreep werkelijk nodig? Marktleider Nationale Nederlanden liet deze week doodleuk weten op de inleg van de levensverzekeringen nog steeds een rendement van 7 procent te behalen?

“Ik kan me voorstellen dat mensen zich verbazen over onze beslissing op het moment dat er nog rendementen van 7 procent worden behaald.

Maar datrendement is nog een gevolg van beleggingen in obligaties van enkele jaren terug. In de loop van de tijd wordt dat rendement lager. De tienjarige staatsobligatie kent momenteel een rente van 4,13 procent. Je kan verzekerden geen rendement van 4 procent beloven als je ook nog eens te maken hebt met een gemiddelde kostenopslag van een half procent. Voorzichtigheidshalve hebben we de verzekeraars nu gevraagd om eens door te rekenen wat er met hun bestaande portefeuille gebeurt als de rente de komende jaren structureel op 3 procent komt.'

Natuurlijk bestaat er winstdeling, maar in de tussentijd wordt wel de premie verhoogd. Op die manier wordt toch elk risico bij de verzekerde gelegd? De Consumentenbond spreekt in dit verband van “een eenzijdige risico-afwenteling'.

“Als toezichthouder gaan wij helemaal niet over premieverhogingen. Uit concurrentie-overwegingen kan een verzekeraar besluiten om op enkele polissen verlies te lijden. Dat vinden wij geen probleem zolang wij er maar van overtuigd zijn dat het bedrijf niet in financiele problemen komt en niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. Het is dus beslist niet zo dat wij de concurrentie uitschakelen.'

Nu vormen verzekeringen met een gegarandeerd eindbedrag nog het leeuwendeel van de levensverzekeringen. In het afgelopen jaar zijn er bijna 800.000 nieuwe polissen afgesloten, waarmee een verzekerd kapitaal van ruim 60 miljard gulden is gemoeid. Wanneer de premie nu wordt verhoogd, bestaat de kans dat veel mensen voor een beleggingsverzekering kiezen. Legt u, door de rekenrente te verlagen, het risico niet nog meer bij de verzekerde neer?

“Als mensen kiezen voor bijvoorbeeld een beleggingsverzekeringen doen ze dat in alle vrijheid.

Ik vind niet dat ons dat verweten kan worden.'

Kunnen verzekerden met hun levensverzekeringen naar andere Europese landen uitwijken, waar de rente nog wel wat hoger is en de premies dus lager?

“In theorie is dat zeker mogelijk. Probleem is alleen dat de rentes in de EU-lidstaten steeds meer naar elkaar toekruipen. Ook toen de verschillen nog groter waren, maakten particulier verzekerden hiervan nauwelijks geen gebruik. Alleen in de grensstreken worden wel eens polissen uit het buitenland gekocht.'