Netwerk opgericht voor onderlinge ruil leraren

Negentig middelbare scholen hebben een netwerk opgericht om leraren vanaf december onderling te laten ruilen van baan. Een coordinator zal leraren die van werkomgeving willen veranderen, koppelen aan vacatures op andere scholen. Het gaat om 14.000 leraren in totaal.

Het initiatief, van de protestants-christelijke Besturenraad, is het eerste grootschalige mobiliteitsproject op middelbare scholen. Bedoeling van de interne arbeidsmarkt is dat het lerarenberoep aantrekkelijker wordt. De meeste leraren geven van hun 25ste tot hun 55ste een vak op een middelbare school. De mobiliteit tussen scholen is gering, omdat het principe geldt dat de leraar die nieuw op een school begint, er bij dalende leerlingaantallen als eerste uit moet. Binnen het nieuwe netwerk behouden leraren hun arbeidsrechten als ze naar een andere school gaan.

Daarnaast zijn zieke leraren gemiddeld langer ziek dan andere beroepsgroepen. Het verschijnsel `burnout' treedt vaak op. De Besturenraad verwacht dat leraren beter gemotiveerd zullen blijven door de mogelijkheid om van werkomgeving te veranderen. Als ze genoeg hebben van een school kunnen ze ergens anders terecht in plaats van in de Ziektewet te belanden.

De raad wil ook dat scholen vaker `vers bloed en nieuwe ideeen' binnen krijgen. De geringe animo van schoolverlaters om het lerarenberoep te kiezen, wordt vaak in verband gebracht met de gebrekkige carriereperspectieven.