In de knoop bevrijd; Nieuwe roman Inez van Dullemen

Vijf jaar geleden publiceerde Inez van Dullemen een roman onder de titel Het land van rood en zwart die - ondanks de nadrukkelijke genre-aanduiding op het omslag - eigenlijk geen roman was. De in de ik-vorm geschreven gefingeerde autobiografie van de wereldberoemde fotografe van het Mexicaanse regenwoud Gertrude Blom had meer weg van vie romancee opgedragen aan de hoofdpersoon `wier leven de inspiratiebron is geweest voor het schrijven van dit boek'.

De rozendief, Van Dullemens wederom als roman geafficheerde nieuwe boek, heeft veel weg van Het land van rood en zwart. Ditmaal is het opgedragen aan Willem Schenk die in de eerste persoon enkelvoud zijn levensverhaal vertelt. Op het omslag is een uitsnede te zien van een wonderschoon wandkleed (`De rozendief') van Schenk, een niet-fictieve Haagse naaldkunstenaar die vorig jaar nog een expositie had.

Schenk wordt door Van Dullemen met veel inlevingsvermogen geportretteerd. De oude man, begin jaren twintig geboren, blikt aan het einde van zijn leven terug op zijn jeugd en zijn liefdes. Dat levert een mooi en concies geschreven reconstructie op van zijn wording als kunstenaar: a portrait of the artist as a young man.

Het zou me niet verbazen als Van Dullemen het wandkleed `De rozendief' als uitgangspunt heeft genomen voor haar verhaal. Op dat doek heeft ze haar fantasie losgelaten om daarmee de geschiedenis en de drijfveren van de kunstenaar bloot te leggen. In de roman maakt Schenk dit werk op een cruciaal moment in zijn leven. Hij is gescheiden heeft een punt gezet achter zijn homoseksuele avonturen en besloten voor de kunst te kiezen. `Dit is mijn zelfportret', zegt hij over het kleed waarop hij zich losknipt van zijn verleden, om `de roos van de verbeelding' te kunnen plukken.

Geheugen en verbeelding: wat zijn dat voor ingredienten, hoe werken zij, waarom hebben we ze nodig? Daarover peinst de oude man als hij, na een hartoperatie, zijn geest laat ronddobberen op de zee van zijn herinneringen. Hij ziet om te beginnen zichzelf terug als klein jongetje, gezeten naast zijn moeder voor haar kaptafel. Achter hun beeld in de spiegel zwaait een tak met gele herfstbladeren die een glans van onwerkelijkheid hebben, een `reflectie uit een geheimzinniger wereld'.

Een andere herinnering is misschien nog belangrijker. Hij is 7 jaar en rijgt kastanjes aan een draad tot een lang snoer dat hij als een mantel om zich heen slaat. `Een mantel van lucht, door kastanjes afgezet. Er is niemand die mij ziet, ik ben alleen in de achtertuin. Ik sla de kastanjemantel om en strik de koordjes rond mijn nek. Ik begin te lopen, te schrijden, heen en weer en luister naar het getikkel waarmee de kastanjes achter mij aan huppelen. Ik ga zitten en wikkel me in de mantel. Ik voel de warmte van de leegte van de mantel.'

Er komt veel symboliek te pas aan de beelden die de kunstenaar aan zich voorbij ziet trekken. Leegte zal een blijvend thema worden in het leven van het jongetje, dat kort na elkaar zijn geliefde moeder en gehate vader verliest en troost zoekt in travestie en relaties met pedofiele mannen. Ontroerend zijn de beschrijvingen van de eerste onschuldig lijkende verkleedpartijtjes. Na de kastanjemantel volgt een tweede maskerade, nu met de kleren van zijn overleden moeder. Telkens schiet het kind daarbij `in een andere bewustzijnslaag' en verliest het elk contact met de realiteit.

Iets dergelijks overkomt hem ook later, als zijn fantasie op een andere manier wordt geprikkeld. In zijn jeugd is hij gefascineerd geraakt door de Eerste Wereldoorlog, waar hij alles wat los en vast zit over gelezen heeft. Vervolgens voelt hij met een aan zekerheid grenzende stelligheid dat hij deel heeft genomen aan die oorlog. In 1963 komt hij bij toeval in Verdun. `Koud zweet parelt op mijn voorhoofd, een herinnering breekt door: hier ben ik gesneuveld.'

Door de herinneringen van de bejaarde Schenk steeds te onderbreken met cursief gedrukte intermezzi over zijn latere wandkleden en de manier waarop die tot standkomen, laat Van Dullemen zien hoe de verbeelding zijn werk doet.

Ieder kleed is een transformatie van de werkelijkheid waaruit als vanzelf een waarheid naar voren komt. De waarheid van Schenk datgene wat hij als de kern van zijn wezen beschouwt, gaat schuil achter vermommingen, die hij stuk voor stuk moet ontrafelen om zichzelf te kunnen naderen.

Uitvoerig vertelt Van Dullemen hoe haar hoofdpersoon opgroeit, tekenleraar wordt, trouwt, kinderen krijgt en jarenlang een dubbelleven leidt als niet-uitgekomen homoseksueel. Hij beleeft een grote liefde met een aanzienlijk jongere man in Parijs, die niet de beste passages in het boek oplevert. De romantische wandelingen langs de Seine en de bezoeken aan de Hallen, de Notre Dame en het graf van Oscar Wilde op Pere Lachaise doen wat clichematig aan. Oorspronkelijker zijn de sobere beschrijvingen van Den Haag, waar Schenk het leven met vrouw en kinderen in toenemende mate als een traliekooi ervaart. Daar beleeft en overwint hij een identiteitscrisis die hem in staat zich van zijn verleden los te knippen.

Inez van Dullemen heeft maar een paar bladzijden nodig om dit proces van onthechting te beschrijven, maar ze doet het met de kracht die ze eerder tentoonspreidde in Het gevorkte beest (1986). Ook in die roman bestaan de personages voornamelijk uit herinneringen en deels onbewuste angsten die onschadelijk moeten worden gemaakt. Schenk verslaat de spoken uit zijn verleden in zijn wandkleden en het werken daaraan ervaart hij dan ook als niets minder dan een zuiveringsproces.

Toch zijn de heilzame werking van de verbeelding en de kracht van het kunstenaarschap niet de enige thema's van deze fraai gecomponeerde roman, die in hoofdzaak gaat over oud worden en de aanvaarding daarvan.

Uiteindelijk komt de kunstenaar met zichzelf en zijn verleden in het reine. `Ik hoefde geen rol meer te spelen, niets te bewijzen, nergens meer bij te horen. Ik heb alle tijd voor een dialoog met mijzelf. De hele rommelzolder van mijn ziel heb ik opgeruimd en wat er over is gebleven zijn mijn wandkleden. Die hebben uiteindelijk mijn bestaansangst van mij weggenomen.'