Getto voor nieuwe muziek

De Amsterdamse Kunstraad zei het al in mei 1997 en anderhalf jaar later zegt nu ook de landelijke Raad voor Cultuur het: het muziekcentrum voor eigentijdse muziek en jazz dat Amsterdam wil bouwen aan de Oostelijke Handelskade komt aan wat de Amerikanen noemen `the wrong side of the tracks', in een winderig niemandsland aan de verkeerde kant van de rails naar het Centraal Station. De IJ-oever, aan de oostkant van het Centraal Station, ligt ver van de bewoonde culturele wereld. De adviesraden vrezen dat de bezoekersaantallen te laag zullen zijn voor een goede exploitatie die uitgaat van tienduizenden bezoekers per jaar.

De Amsterdamse Kunstraad waarschuwde al dat de gemeente er vanwege tegenvallende kassainkomsten meer subsidie voor moet uittrekken. En de Raad voor Cultuur bezweert nu staatssecretaris Van der Ploeg van cultuur dat eventuele exploitatietekorten vanwege wegblijvend bezoek niet ten laste mogen komen van het rijk - andere subsidies mogen immers niet lijden onder een verkeerde Amsterdamse lokatiekeuze. Het is de bedoeling dat het nieuwe muziekcentrum, dat de Deense architecten Nielsen, Nielsen en Nielsen voor 48 miljoen neerzetten, wordt geopend in het jaar 2000.

Het lijkt erop dat hard wordt gewerkt aan een tweede affaire-NewMetropolis. Toen dat techniek- en science-centrum bovenop de ingang van de Amsterdamse IJ-tunnel werd voorbereid, waren er twijfels aan de haalbaarheid. Het optimisme won, al verklaarden Amsterdam en rijk tevoren dat eventuele tekorten niet voor hun rekening mochten komen. Twee jaar na de opening van New Metropolis, dreigt al een faillissement en uiteindelijk zullen de overheden toch over de brug moeten komen.

Het Amsterdamse gemeentebestuur zag zelf ook al de problemen opdoemen voor het nieuwe cultuurgebouw aan de IJ-oever, dat in de plaats moest komen van kantoren waarvoor het bedrijfsleven geen belangstelling had. In 1995 was er nog het plan om een groot cultuurcentrum van 100 tot 200 miljoen neer te zetten voor de bibliotheek, het theater van Toneelgroep Amsterdam De IJsbreker voor eigentijdse muziek en het Bim-huis voor jazz, dat nu in de binnnenstad geluidsoverlast veroorzaakt voor omwonenden. Toen dat megaplan weer was uitgekleed tot een puur muziekcentrum, leek het weer te klein en bedacht Amsterdam dat er ook nog een fotocentrum kon worden toegevoegd om toch nog wat meer publiek te trekken.

Bovendien zijn er nog principiele vraagtekens te zetten bij een nieuw centrum voor nieuwe muziek. Een eigen gebouw wekt de indruk dat eigentijdse muziek een fenomeen is dat geheel los staat van het `normale' muziekleven en dat dat ook zo moet blijven. In plaats van het bouwen van een getto voor de eigentijdse muziek zou het beter zijn om die ten gehore te brengen in de normale concertzalen. De nieuwe muziek moet zich niet afwenden van de stad maar zich op prestigieuze plaatsen presenteren als de gewoonste zaak van de wereld. Dat gebeurt nu al in het Amsterdamse Concertgebouw, zoals in de serie Tijdgenoten. Dat hoort ook zo, dat gebouw is er 110 jaar geleden al neergezet voor de toekomst.