Dag

Aan de exotische vakantieesbestemmingen kan er een worden toegevoegd. Bali, Mexico, Thailand, Jamaica, het begon te vervelen, een mens wil weer eens iets anders.

“Weet je waar ik ben geweest?' vroeg een vage kennis me die ik in een cafe tegen het lijf liep. Bij zulke vragen is het nooit de bedoeling dat je het goede antwoord geeft, en dus liet ik het initiatief geheel aan hem.

“IJsland!'

“IJsland?'

“Fantastisch land. Ik heb over de hele wereld gereisd, maar nooit zag ik een mooier land. Schitterende natuur. Aardige mensen. En veel walvissen - al drie kilometer uit de kust.'

“Maar die IJslanders zuipen wel erg veel.' Ik kon het niet laten. Geluk verveelt snel, vooral als het andermans geluk is.

Mijn opmerking scheen iets in hem te hebben losgewoeld, een kiem van twijfel die het herinnerde paradijs danig kon aantasten als er niet terstond werd ingegrepen.

“Wat me er zo beviel was de onvoorstelbare rust', zei hij. “Als je in Amsterdam terugkomt, voel je meteen de spanning. Wist je dat IJslanders hun achterdeur nog steeds niet op slot doen?'

Ik had er nooit eerder bij stilgestaan, maar ik had het kunnen weten. De wereld van de geopende achterdeur is al sinds jaren krimpende, de grenslijn waarboven het nog kan, verschuift gestaag naar het noorden.

“Heb je er bisschop Gijsen nog gezien?' vroeg ik.

“Gijsen? Wat doet die daar?'

“Verbannen.'

“Voor die straf zou ik tekenen.'

Hij verviel in enig melancholiek gepeins. “Ik zou er elk jaar een paar weken naartoe moeten.' Toen wenkte hij de ober. “Wat ze er alleen missen', zei hij nog, “is de gezelligheid. Zoals wij hier spontaan bij elkaar zitten, dat is toch gezellig? Maar ja, dat heb je dan ook alleen in Amsterdam.'

Hij pauzeerde even. “Zit jouw bedrijf nog steeds in Rotterdam?' Ik knikte. “Daar hadden ze Gijsen beter naartoe kunnen sturen', zei hij, en aan zijn gezicht kon ik zien dat de wraak hem goed smaakte.