Cohen weert duizenden asielzoekers; Noord-Irak nu `veilig'

Asielzoekers uit Noord-Irak en delen van Soedan en Somalie krijgen geen verblijfsvergunning meer. Staatssecretaris Cohen (Justitie) zou dit vanmiddag in de ministerraad voorstellen.

Cohen baseert zich op ambtsberichten van het ministerie van Buitenlandse Zaken, waaruit zou blijken dat Noord-Irak en sommige delen van Soedan en Somalie niet langer onveilig zijn. Het gaat om duizenden asielzoekers.

Cohen zou ook voorstellen om Afghanen, die enige tijd in vluchtelingenkampen in buurland Pakistan hebben verbleven terug te sturen naar Pakistan. Afghanen die rechtstreeks uit hun land van herkomst naar Nederland zijn gekomen, mogen wel blijven. De staatssecretaris wil daarnaast de tijdelijke verblijfsvergunning van Noord-Irakezen (voornamelijk Koerden) en Soedanezen en Somaliers afkomstig uit bepaalde gebieden, niet meer verlengen. Noord-Irakezen vormen samen met Afghanen de grootste groep asielzoekers die naar Nederland komen.

De maatregelen zijn onder meer bedoeld om de komst van duizenden asielzoekers uit Noord-Irak, Afghanistan, Soedan en Somalie tegen te gaan. Cohen hoopt een signaal af te geven dat het niet makkelijk is om in Nederland nog een voorlopige verblijfsvergunning te krijgen. Vele asielzoekers en immigranten betalen duizenden guldens aan mensensmokkelaars, in de verwachting snel tot Nederland te worden toegelaten.

Overigens zullen de maatregelen van Cohen niet direct tot een groot aantal uitzettingen leiden. Asielzoekers moeten hun voorwaardelijke vergunning tot verblijf (vvtv) jaarlijks verlengen. Justitie kan besluiten deze vergunning niet te verlengen, maar asielzoekers kunnen daartegen beroep aantekenen bij de vreemdelingenrechter.

Inmiddels heeft de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) elf van de 123 mensen die afgelopen woensdag door Nederland reisden op zoek naar opvang, naar het aanmeldcentrum in Zevenaar gebracht. Zij komen alsnog in aanmerking voor opvang. Vier asielzoekers zijn zoek. De overige 108 asielzoekers logeren vannacht nog in het conferentieoord Belmont van het Leger des Heils.