Paul de Wispelaere voorziet een leesramp in literatuuronderwijs

`De ramp die het lezen boven het hoofd hangt.' Zo noemde Paul de Wispelaere, winnaar van de Prijs der Nederlandse Letteren 1998 de `nieuwe leer' in het Nederlandse literatuuronderwijs.

Nadat hij gistermiddag uit handen van Koningin Beatrix de driejaarlijkse literatuurprijs had gekregen, hekelde de Vlaamse schrijver de opzet van het `studiehuis', waarin “van scholieren alleen nog wordt verwacht dat ze per jaar een viertal boeken lezen die zo nauw mogelijk aansluiten bij hun eigen leefwereld.' De Wispelaere wil jongeren `armen vol goede boeken' laten meenemen naar `zelfgekozen leesplekken': “boeken met een veel rijkere voorstellingswereld dan die van henzelf.'

De romancier en essayist Paul de Wispelaere (70) kreeg de prijs van de Nederlandse Taalunie, waaraan een bedrag van 34.000 gulden is verbonden volgens het juryrapport voor `de onverwisselbaarheid van zijn taal' en `de vernieuwing van de roman in modernistische zin'. Koningin Beatrix prees de schrijver van Tussen tuin en wereld (1979) en Het verkoolde alfabet (1992) bovendien om zijn `instinct voor zuivere schoonheid' en wegens het feit dat hij `letterkunde tot letterkunst' maakt.

Tijdens de ingetogen plechtigheid op Paleis Noordeinde - waar onder meer Tweede-Kamervoorzitter J. van Nieuwenhoven, minister van staat H. van Mierlo en staatssecretaris van cultuur R. van der Ploeg acte de presence gaven - noemde L. Hermans, als minister van onderwijs de Nederlandse voorzitter van de Taalunie, de bekroning toepasselijk, omdat `het Vlaams-Nederlandse' door De Wispelaere niet alleen vertegenwoordigd wordt in zijn boeken maar ook in zijn genen: zijn grootvader kwam uit Ouder-Amstel. Hermans sprak verder de hoop uit “dat deze prijs een stormloop naar uw boeken zal veroorzaken.' De Wispelaere wordt vooral in Nederland weinig gelezen.

De (Oeuvre-)Prijs der Nederlandse Letterkunde wordt sinds 1956 om en om door de Belgische koning en de Nederlandse koningin uitgereikt, traditiegetrouw om de beurt aan een Nederlandse en aan een Vlaamse schrijver. Onder de veertien eerdere laureaten zijn Harry Mulisch, Christine D'Haen, Hugo Claus, Simon Vestdijk en Louis Paul Boon.