Nonnevotte

In de vierdelige KRO/IKON-serie Het Leven een Feest, waarin jonge talentvolle documentairemakers bespiegelen over `feest, geluk en zingeving' bleef Eugenie Jansen het meest letterlijk bij de opdracht. Haar strak geconcipieerde en gemonteerde Nonnevotte, een in vier hoofdstukken voor vier carnavalsdagen ingedeelde film, ontleent zijn naam aan een bij die gelegenheid geserveerde lekkernij, een soort gefrituurde krakeling.

Jansen volgde tijdens het carnaval een bakkersvrouw en haar dochter in Sittard. Na het ophangen van de ballonnen in de openingsscene die aan het slot vertrapt zullen worden, en het halen van een askruisje in de mis (`o mens, van stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren') maken we kennis met Leny en haar dochter Rachelle.

Moeder had eigenlijk nooit willen trouwen met een winkelier, maar staat nu toch dag in dag uit achter de toonbank, ook tijdens carnaval. Ze raadt Rachelle sterk af de zaak later over te nemen. Het leed van de middenstander wordt door Jansen op lichte toon, maar daarom niet minder schrijnend, vooral visueel weergegeven.

Nonnevotte is een pareltje van een documentaire, omdat de carnavalsrituelen de volmaakte achtergrond vormen voor nauwelijks hardop gestelde vragen naar de zin van een bestaan dat voornamelijk uit hard werken bestaat.

De waarheid komt niet aan het licht in de korte, berustende commentaren van de hoofdpersoon, maar in de montage van een reeks close-ups van noodgedwongen opgewektheid bij het helpen van de klanten. Of, ter adstructie van het wezen van carnaval ingemaskerd uitgesproken gemopper, wanneer op de derde dag vrouwen als `auwe wiever' (oude wijven) op straat hun mannen beknorren.

Eugenie Jansen en haar filmpartner Albert Elings (hij tekent nu voor geluid en assistent-regie, terwijl Jansen camera, regie en scenario verzorgde) zijn eigenlijk al geen beginnende, talentvolle documentairemakers meer. Maar net als twee jaar geleden bij hun Vogelvrij over vogelverschrikkers dreigen de enorme kwaliteiten van de discrete realiteitspoezie in Nonnevotte over het hoofd gezien te worden, omdat het onderwerp nu eenmaal weinig modieus of vernieuwend is.

Ik word er door ontroerd, niet alleen omdat je zo weinig gewone Nederlanders in documentaires ziet, maar vooral omdat Jansen de kunst van het balanceren met vrijheid en stilering in de documentaire vorm beheerst als maar weinig anderen: haar film is een creatieve documentaire zonder pronkzucht, maar wel in kwatrijnen.