In de keuken van Niek Koppen

De keuken van Kok is de eerste Nederlandse documentaire over het politiek bedrijf. Een dagje monteren met regisseur Niek Koppen.

WALLAGE IN TILBURG? Willen we die houden?'

Wallage, Wallage waar zit die man? Editor Erik Disselhoff rolt de muis van zijn computer. Flarden film warrelen over het beeldscherm. Een bijeenkomst op het Catshuis, posters plakken, een orerende Wim Kok, met Rita op het strand Karin Adelmund in een verkeerstunnel - en daar heb je 'm: Jacques Wallage bij een popconcert in Tilburg.

Eruit of erin?

Eruit toch maar.

Het is twee maanden voor de premiere van De keuken van Kok en er moet nog een kwartier uit. Regisseur Niek Koppen heeft een boodschappenlijstje op schoot. Dit verbeteren, dat veranderen, en verder snijden, snijden, snijden. Twee uur en een kwartier duurt de film nu. Hij mag niet langer dan twee uur zijn.

In een kamer aan een Amsterdamse gracht zitten Disselhoff en Koppen achter de computer. Ze begonnen met vijftig uur film, dat werden er negen, toen vier en de zorgen, zegt Koppen, zijn gekomen bij twee uur en drie kwartier.

Het snijden zelf gaat geruisloos. Er komen geen mesjes of plakbandjes meer aan te pas. Vroeger hingen overal in de montageruimte, als scalpen aan een indianenriem, stroken bruin en zwart celluloid hingen. In de kamer van Koppen en Disselhoff is geen film te bekennen. Alle beeldmateriaal is op de harde schijf geladen en monteren is een kwestie van deleten en backspaces geworden.

Vroeger kon de regisseur de krant lezen tijdens het monteren, zegt Koppen. Het gaat nu eigenlijk te snel, vindt Disselhoff, veel te snel om nog na te denken. Terwijl je de rol terugspoelde naar de scene die je zocht, kon je rustig overdenken of dit wel je bedoeling was. Nu kun je in diezelfde tijd drie verschillende bedoelingen achter elkaar laten zien.

Maar de essentie van montage is niet veranderd: voortdurend keuzes maken. Soms beitelt hij rigoreus in een scene, een andere mag juist weer wat langer staan. Een kwestie van tempo, van ritme.

Dat zijn nog de keuzes die de regisseur zelf maakt. Het onderwerp legt ook zo zijn beperkingen op. Niek Koppen heeft het zichzelf wat dat betreft niet eenvoudig gemaakt. Zijn vierde grote documentaire moest gaan over politiek en hoe die werkt, over macht en waar die zich bevindt. Dat laat zich niet makkelijk filmen.

Eind vorig jaar benaderde Koppen de Partij van de Arbeid met het verzoek of hij de campagne van Wim Kok mocht filmen. De PvdA omdat daar, bij de premier, de meeste macht lag. De campagne omdat Koppen daar de politiek in haar meest geconcentreerde vorm verwachtte te vinden.

Misschien nog wel de moeilijkste fase van het hele project, denkt Koppen, was de verleiding van de PvdA. Kok wilde niet, Wallage wilde niet, voorlichters en leden van het campagneteam wilden niet. Alleen Karin Adelmund voorzitter van de partij en leider van de verkiezingscampagne, zag er wel iets in.

Wat kon Koppen tegenover de aarzeling van de partij stellen? Hij kon op zijn laatste film wijzen, The Hunt, over een controversieel onderwerp als de jacht, waarvoor hij van alle partijen lof had gekregen. De PvdA'ers moeten hebben begrepen dat Koppen geen sensatiefilmer is. Ik zoek de nuance, zegt hij zelf.

Hij had vooraf een lijstje gemaakt met alle mogelijke argumenten. Hij verwees naar soortgelijke films in het buitenland en zei: het zou toch mooi zijn als de PvdA de eerste Nederlandse partij was met zo'n documentaire. En hij bespeelde een gevoelige PvdA-snaar: zou het geen mooie manier zijn om zo `verantwoording' af te leggen aan de kiezers?

Ten slotte is Kok vooral gezwicht voor dat laatste argument. En hij gaf er nog een reden bij, die Koppen niet had kunnen verzinnen: de aanwezigheid van een camera zou wel eens `disciplinerend' kunnen werken op het campagneteam. Daarbij moet de lijsttrekker vooral aan zijn campagneploeg anno 1994 hebben gedacht, waarvan de leden naar verluidt meer met elkaar de strijd aangingen dan met hun politieke opponenten.

De afspraak was, zegt Koppen: ik mag alles filmen wat met de campagne te maken heeft. Later zien we dan wel of er problemen zijn. En hij hield in zijn achterhoofd: wat vandaag gevoelig ligt, is over een halfjaar vergeten. Het gekrakeel over de hypotheekrente bijvoorbeeld - PvdA'er Rick van der Ploeg riep tijdens verkiezingsstrijd ineens dat de hypotheekaftrek voor hem niet heilig was. En toen hij net zijn mond hield, begon Karin Adelmund er weer over. Daar werden de campagnevoerders destijds bloednerveus van.

Het ging Koppen niet om het gekrakeel, het ging hem om de nervositeit. Vooraf legde Kok hem uit wat zijn aarzeling was: dat beeld is het probleem niet, het probleem is het geluid. Gevoelige informatie, pijnlijke opmerkingen over personen. Toen kon Koppen naar waarheid antwoorden dat het hem daar niet om te doen was. Anders was hij ook aardig gefrustreerd geraakt, denkt hij achteraf. Als het echt interessant werd, als Kok echt iets wilde bespreken met een partijgenoot, kon hij toch gewoon zeggen: `Ik bel je zo terug.'

Koppen kan direct tonen dat het hem niet om het geluid gaat. Op zijn boodschappenlijstje staat nog een toespraak van Kok ten overstaan van een plein vol jongeren. Samen met cutter Disselhoff probeert hij een paar versies van deze scene uit, waarbij de toespraak kleiner en kleiner wordt.

Wat uiteindelijk overblijft, is Koks opkomst, hoe zijn adviseur een journalist afhoudt, de introductie van de premier en het applaus dat hij oogst.

En Koppen kan weer een paar tellen afstrepen - 2 uur 12 minuten en 30 seconden, zegt het beeldscherm nu.

Bij een vertoning van de ruwe versie, de dag tevoren, is een delegatie van de PvdA komen kijken, de partij die vooraf in haar tijdschrift Pro schreef dat “de uiteindelijke montage (..) in nauw overleg met de PvdA zal gebeuren'. Zo ver reikt de bemoeienis echter niet. De afspraken zijn nauwkeurig vastgelegd in een contract. Voor Koppen is dat de beste manier om zijn project te beschermen. De film heeft een miljoen gulden gekost en stel dat de PvdA de verkiezingen smadelijk had verloren en niet meer zoveel zin had in de publieke anatomie van die mislukking? Zonder contract hadden ze het Koppen nog moeilijk kunnen maken.

Twee beperkingen werden overeengekomen, twee gronden waarop de PvdA achteraf bezwaar mocht maken. Het landsbelang mocht niet in het geding zijn en zwaarwegende persoonlijke belangen moesten gewaarborgd zijn - althans, zo noemt Koppen het, PvdA-secretaris John Huige weet zeker dat het om `politiek belang' ging.

De PvdA heeft van haar rechten ook gebruikgemaakt. Er zijn pittige discussies gevoerd, zegt Koppen. We hebben heen en weer gepraat, zegt Huige. Ze zijn het hoe dan ook eens over het resultaat, dat ziet er prima uit. Koppen kan dus kalm voorspellen dat ook zijn nieuwste film wel weer een succes zal worden.

Wat hij er op verzoek van de PvdA heeft uitgehaald, wil Koppen niet vertellen, dat is er immers uit. Vervelend, maar geen ramp.

Saillanter dan wat eruit ging, is wat er nooit in is gekomen.

Koppen zegt dan wel dat hij carte blanche had, in feite zijn een paar belangrijke onderdelen van Koks campagne voor hem afgesloten gebleven, zeggen leden van het campagneteam. Met name het regelmatig overleg van Kok met belangrijke politieke adviseurs, zoals oud-voorzitter Felix Rottenberg, Marcel van Dam, inmiddels columnist, en Koks campagneleider van 1994, Dick Benschop nu staatssecretaris. Niet onbelangrijk, geeft Koppen toe. Maar omdat enkelen van hen niet in die hoedanigheid wilden worden gefilmd, kon hij er niets van laten zien.

Toch, vindt hij, is de film gelukt. Het is een weerslag van de campagne. Een schets van het politiek bedrijf. Een interactiefilm, net waar Koppen van houdt.

Bovendien - het was al moeilijk genoeg kiezen zo. We zijn aan het eind van de dag en er moeten nog altijd tien minuten uit.

MONTAGE