De politie wil dat groep bij elkaar blijft

Asielzoekers met een Dublin-claim reizen van hot naar her, naar een pension en dan weer naar een opvangcentrum. Maar het einde voor hen lijkt de straat te zullen worden.

Een stoet asielzoekers loopt naar de ontbijtzaal van het Hotel en Congrescentrum Belmont. Ze passeren de receptie en het grote logo van het Leger des Heils: twee zwaarden, een kruis en de woorden `Bloed en Vuur'.

Om half zeven gisteravond zijn ze aangekomen, kregen ze te eten en werden ze naar hun kamers gebracht. Waar ze vanavond slapen is nog niet zeker. Naar alle waarschijnlijkheid kunnen ze nog wel een nachtje in het “erkende congrescentrum' van het Leger des Heils blijven. De toekomst is vaag.

“Het aanmeldcentrum in Zevenaar zei: `Wij kunnen u geen onderdak bieden, gaat u maar op straat leven' ', zegt Medina Nukic (15). Op haar tiende verhuisde ze met haar familie vanuit Tuzla in Bosnie naar Duitsland. Vijf jaar woonde ze in de buurt van Frankfurt. Toen werd ze met haar moeder en twee zusjes op het vliegtuig gezet. Haar vader bleef in Duitsland. Ze kijkt neer op haar witte boterham met ontbijtworst. “Maar daar konden we niet blijven.' Al het geld bij elkaar geraapt en 20 dagen geleden naar Nederland gereisd. En toen begon het grote verhuizen. Van Zevenaar naar de tenten bij Heumensoord, terug naar Zevenaar. Door VluchtelingenWerk op de trein gezet naar een pension in Arnhem en een paar dagen later naar een hotel in Wolfheze. Na twee weken weer op de bus naar Heumensoord, daar een dag wachten en nu in Lunteren. “Ik voel mij als een straathond.'

De 123 asielzoekers die wegens hun Dublin-claim door de overheid geen onderdak wordt geboden, zijn vooral Bosniers die eerder in Duitsland hebben gewoond. Er is ook een Turkse en een Russische familie. “En ze hebben echt niet allemaal in Duitsland asiel aangevraagd', zegt H. Becking van VluchtelingenWerk in Zevenaar.

“Sommigen hebben ook een Dublin-claim aan hun broek, omdat ze een plastic tasje uit Duitsland bij zich hadden.'

De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) concludeert daaruit dat de asielzoekers door een ander land zijn gereisd en daar asiel hadden moeten aanvragen. Niet toelaten tot de procedure en geen opvang, is dan het devies.

Sanela Osmanovic (20) begrijpt er allemaal niets van. “Waarom doet men dit met ons? Wij zijn ook mensen. Wij willen ook leven zoals anderen'. Van de Dublin-claim heeft ze nog nooit gehoord, zegt ze. Ze woont met haar familie, afkomstig uit Zvornik in Bosnie, acht jaar in Duitsland. Ze werden uitgezet. In de ontbijtzaal van Belmont steekt ze een sigaret op en vertelt ze dat ze ziek is. “En mijn moeder is heel ziek. En mijn vader is ook heel ziek.' Ze draagt een zwarte stretchbroek en grote glimmende Spice Girl-gympen.

“Het is triest', zegt de chef-kok van Belmont. “Maar er komt wel een oplossing. Het hoofdkantoor van `het leger' staat er achter. En als het moet dan kan het'.

Majoor J. Kanis van het Leger des Heils heeft er ook vertrouwen in. “Wij zullen deze mensen niet op straat zetten'. Maar hoe lang het Leger des Heils of andere private opvanginstellingen de 123 asielzoekers van de straat kunnen houden, weet hij niet. “Het is natuurlijk wel prachtige publiciteit' geeft Kanis toe, “maar die hebben wij niet gezocht.' Medina en haar vriendin Maja Jelec (13) moeten terug naar hun kamer. Liever zouden zij teruggaan naar het pension in Arnhem. “Ik wil ook naar school', zegt Medina. “En niet meer naar van die interviews met de politie over waar ik gewoond heb, waarom ik weer naar Nederland ben gekomen en of ik van plan ben de illegaliteit in te gaan.' De politie komt nog langs op haar kamer in Belmont. Of ze die liever niet willen verlaten, de groep moet bij elkaar blijven.