Werkloosheid neemt verder af tot 265.000; Laagste niveau sinds 1980

De werkloosheid is in de maanden augustus, september en oktober van dit jaar verder gedaald. In die maanden waren volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) gemiddeld 265.000 mensen werkloos, het laagste aantal sinds november 1980.

Wanneer rekening wordt gehouden met seizoenseffecten is het aantal werklozen ten opzichte van de driemaandsperiode juli-september met 2.000 gedaald. In de maanden mei-juli mat het CBS nog een gemiddelde werkloosheid van 282.000.

Gemeten over een langere periode is het CBS de afgelopen zomermaanden steeds uitgekomen op een geregistreerd werkloosheidscijfer dat ruim honderdduizend lager is dan een jaar geleden. Dat komt neer op een daling van 9.000 werklozen per maand.

Uit de cijfers van het CBS over de periode van augustus tot en met oktober blijkt dat het verschil met dezelfde periode vorig jaar niet langer 100.000 is maar slechts 86.000. Dat zou neerkomen op een daling met 7.000 werklozen per maand. Wat het CBS betreft mag hieruit niet de conclusie worden getrokken dat de werkloosheidsdaling dit najaar is vertraagd. De gemeten fluctuatie valt namelijk binnen de onnauwkeurigheidsmarges van het steekproefonderzoek waarop de werkloosheidscijfers zijn gebaseerd.

Het CBS gaat bij die steekproef uit van geregistreerde werklozen: mensen zonder werk of met werk van minder dan twaalf uur per week die bij een arbeidsbureau staan ingeschreven en direct beschikbaar zijn voor een baan van ten minste twaalf uur per week. De eindstand van vorig jaar kwam op grond van deze definitie op 375.000 personen.

Werkloosheid kan echter ook worden opgevat als onbenut arbeidsaanbod, uitgedrukt in het aantal mensen dat niet of minder dan twaalf uur werkt en actief zoekt naar werk voor twaalf uur of meer. Eind 1997 waren volgens deze benadering 438.000 mensen werkloos.

Een nog bredere afbakening van het onbenut arbeidsaanbod acht het CBS die waarbij alle mensen worden begrepen die niet of minder dan twaalf uur werken en betaald werk voor twaalf uur of meer zouden willen hebben, ongeacht of men direct in staat is om te werken of op zoek is naar werk.

Dit aantal werklozen kwam vorig jaar volgens het CBS uit op ruim 1 miljoen mensen.

Andere indicaties van het arbeidspotentieel zijn de aantallen mensen met een bijstands- of WW- uitkering, vorig jaar respectievelijk 438.000 en 391.000 mensen.