Studenten Israel in verzet

Israelische studenten zijn in opstand tegen het hoge collegegeld en hun behandeling in het algemeen.

Met het automatisch geweer in de aanslag stellen een paar veiligheidsagenten zich op bij de woning van premier Benjamin Netanyahu in Jeruzalem. “Bibi verlaat zijn huis', roept een van de studenten die met een twintigtal anderen al tien dagen in hongerstaking is in een geimproviseerde tent schuin tegenover het huis van de premier. De studenten grijpen naar hun borden met leuzen en stellen zich langs de weg op. “Bibi grijp in, ik ben een hongerige student', scanderen ze.

Het protest van de studenten van alle universiteiten tegen het hoge collegegeld en voor een betere kwaliteit van de studie is 26 dagen geleden begonnen. Tientallen studenten zijn bij botsingen met de politie bij blokkades van wegen in Tel Aviv, Haifa en Jeruzalem gewond en/of gearresteerd. Onderhandelingen met minister van Financien Yaacov Ne'eman en een vertegenwoordiger van Netanyahu over halvering van het collegeld tegen het vervullen van maatschappelijke functies van de studenten - bijlessen, sociaal werk en dergelijke - leverden niets op. Met een ernstige economische crisis in zijn achtertuin weigert minister Ne'eman de “studenten te bevoordelen'. De schatkist pompt al miljarden guldens in het hoger onderwijs, is zijn argument.

Gisteravond verzamelden zich 20.000 dansende en protesterende studenten, gesteund door lectoren en professoren, op een plein in Jeruzalem. De Histadrut, het algemeen vakverbond, stelde de bussen beschikbaar waarmee de studenten uit alle delen van het land naar de hoofdstad kwamen. Vakbondsleider Amir Peretz beloofde de juichende studenten volgende week een algemene staking uit te roepen als de regering de “rechtvaardige eisen' van de studenten tot vrijdag blijft negeren.

De koppeling van het studentenprotest aan dat van honderdduizenden leden van de Histadrut, die door de inflatie en devaluatie zwaar worden getroffen, is voor de Israelische maatschappelijke verhoudingen revolutionair. In de hongerstakingtent spreken de studenten over de “revolutie van 1998'. Ze verstaan daar de strijd “voor een beter Israel' onder.

De studenten zijn in opstand gekomen tegen de via de politiek lopende financiele bevoorrechting van zo'n 120.000 studenten van jesjivot, religieuze opleidingsinstituten. Ook zij willen zo niet vrijstelling dan wel drastische vermindering van het collegeld. De studenten wijzen erop dat zij wel drie jaar het leger in moeten, met het in Israel daaraan gekoppelde levensgevaar, en de studenten aan de jesjivot daarvan in overgrote meerderheid van zijn vrijgesteld.

“Ik heb al vier jaar op vrijdagavond geen kiddush (het gebed en het aansteken van de kaarsen bij het ingaan van de sabbat) gemaakt', zegt de 25-jarige student economie Avi Motsav. Hij is al tien dagen in de tent in hongerstaking. “Voor mij is de kiddush, in de warmte van het gezin heel belangrijk. Maar op vrijdagavond krijg ik in mijn bijbaan als bewaker een premie van 50 procent op mijn loon. Dat geld heb ik hard nodig om mijn studie, huur en onderhoud te kunnen betalen' - 25.000 gulden per jaar voor levensonderhoud, boeken en studiegeld.

Avi voelt zich, zoals veel van zijn medehongerstakers in de tent, een “nieuwe Israelier', bereid om de ideologische consensus en burgerlijkheid te doorbreken. Vier weken geleden rende Avi voor de zaak van de studenten in zijn onderbroek over de Dizengoff-winkelstraat in Tel Aviv. Het was een spontane daad, niet ideologisch geinspireerd.

“Ik ben niet blootgesteld aan de revolutionaire cultuur', zegt hij. Ook de andere studenten in de tent hebben door hun op Israel en jodendom gerichte opvoeding weinig kennis van ideologische stromingen. Ze menen echter wel voor iets nieuws in Israel te staan: een “sociaal bewustzijn' dat alle klassen in de Israelische samenleving overlapt.