Strijd tegen handel mensen gebrekkig; Hoofdcommissarissen in rapporten:

De aanpak van mensenhandel in Nederland is “niet effectief'. Dit staat in twee vertrouwelijke rapporten die zijn opgesteld in opdracht van de Raad van Hoofdcommissarissen.

Volgens de rapporten weten politie en justitie te weinig over aard en omvang van handel in vrouwen ten behoeve van prostitutie. De uitwisseling van informatie is gebrekkig en er wordt in de 25 politieregio's “geen eenduidig beleid' gevoerd om mensenhandel te bestrijden, aldus de rapporten.

Nog voor het kerstreces zal in de Tweede Kamer de afschaffing van het bordeelverbod worden behandeld een wetsvoorstel van Justitie. Die wet moet het mogelijk maken dat handel in vrouwen (de juridische benaming is `mensenhandel') met meer succes wordt bestreden. Maar volgens de Politiele Beleids- en Adviesgroep Mensenhandel, die de rapporten maakte, hadden de politiekorpsen ook de laatste jaren al genoeg juridische en strafrechtelijke mogelijkheden om vrouwenhandel aan te pakken.

De rapporten zullen deze week worden aangeboden aan de ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken. Korpschef Jan Wilzing van politie-regio IJsselland, die de leiding had over de beleids- en adviesgroep, erkent dat de aanpak van mensenhandel nog niet zo loopt als zou moeten. Maar deze rapporten noemt hij een “ijkpunt': vanaf nu moet er volgens hem een “verbeter-traject' op gang komen.

Politie, justitie en het openbaar ministerie zijn al meer dan tien jaar bezig met het maken van protocollen, beleidsplannen en speciale richtlijnen voor de aanpak van deze vorm van zware georganiseerde criminaliteit. Tijdens het EU-voorzitterschap riep de Nederlandse regering de lidstaten op om vrouwenhandel harder en effectiever te bestrijden. De toenmalige minister van Sociale Zaken, Melkert, noemde mensenhandel in toespraken een “ernstige schending van de rechten van de mens'.

In veel politieregio's, blijkt nu, hebben de voornemens en voorschriften niet geleid tot gerichte bestrijding ervan.

Omdat de korpsen op verschillende manieren optreden tegen die handel, zijn er voortdurend ontsnappingsmogelijkheden voor criminelen. Er zijn regio's die nauwelijks aandacht besteden aan het probleem. De handelaren verplaatsen hun `waar' de laatste jaren vooral vrouwen uit Oost-Europa, naar regio's waar ze minder last hebben van controles en invallen.

Volgens de Stichting tegen Vrouwenhandel en de Mr. A. de Graaf Stichting, die onderzoek doet naar prostitutie, werken in Nederland zo'n twintig- tot dertigduizend vrouwen in de prostitutie. Ongeveer de helft is van buiten de EU, de meesten zijn illegaal. Vorig jaar zijn er ruim 60 politie-onderzoeken uitgevoerd naar van vrouwenhandel verdachte personen.

    • Petra de Koning