In de ban van een ex-Fassbinderactrice; Lisa Cholodenko vermijdt cliches in zedenschildering van glossy fotojournalistiek

Een studie `kritische theorie', met veel Lacan en Foucault, vormt een zeer onvolkomen voorbereiding op het leven. Maar Syd (Radha Mitchell) is er nog een heel eind mee gekomen. Deze 24-jarige vrouw is redacteur van een glossy en pretentieus fotografietijdschrift, Frame geheten.

Zo begint High Art, de eerste lange speelfilm van Lisa Cholodenko. Er is veel aan de film dat mis had kunnen gaan en een cliche kunnen worden: het modieuze onderwerp, de grote rol van drugs in het milieu waarin Syd terecht komt en de lesbische verhouding waarin zij tegen wil en dank verzeild raakt, als ze probeert voor het blad foto's los te krijgen van haar bovenbuurvrouw (Ally Sheedy). Dat is een al wat oudere verlopen fotografe die tien jaar geleden de hippe kunstscene de rug heeft toegekeerd en samenleeft met een zwaar aan verdovende middelen verslaafde Duitse, wier enige verdienste in het leven is dat ze ooit nog eens in een film van Fassbinder heeft gespeeld.

Maar in High Art gaat niets mis: het is een prachtige film die alle cliches omzeilt. Cholodenko is erin geslaagd langs allerlei schijnbaar platgetreden paden een film te maken die verrast en tot nadenken stemt.

De zedenschilderingen zijn raak getroffen: de atmosfeer in het appartement van de fotografe, waar de dope al lang elke belangstelling voor huisraad of properheid heeft verdrongen en altijd slechte vrienden aanwezig zijn, gereed om in het voetspoor van de huisdealer mee te snuiven; de verhouding van de fotografe met haar dominante moeder, die de verlammende factor vormt in haar leven; de atmosfeer op de redactie van het tijdschrift, waar iedereen wel kritische theorie lijkt te hebben gestudeerd en men met elkaar uitsluitend verkeert in fraai klinkende frasen.

Een van de aardigste grapjes van de film wordt in de Nederlandse ondertitels overigens om zeep geholpen. Syd noemt zich statusbewust steeds assistant-editor van het blad, wat redacteur betekent en komisch werkt omdat ze duidelijk als groentje en sloofje wordt beschouwd.

Helaas denkt de Nederlandse vertaler dat assistant editor `redactie-assistent' betekent.

Dankzij haar bovenbuurvrouw zal Syd geen sloofje blijven. Deze `Lisa Berliner' is een levende legende, merkt Syd als ze nietsvermoedend wat foto's van de buurvrouw mee naar de redactie neemt. Ze krijgt haar eerste echte opdracht: Berliner tot nieuw werk verleiden. Dat blijkt lastig: de fotografe heeft weinig belangstelling meer voor het maken van foto's, maar des te meer erotische belangstelling voor de frisse aankomende journaliste.

De grote kracht van High Art ligt in de prachtig volgehouden ambivalentie van Syd in deze ingewikkelde cocktail van zakelijke en persoonlijke belangen. Even denk je nog, als de fotografe een `werkweekeinde' met haar redactrice uitsluitend blijkt te zien als een excuus voor het maken van een nummertje, dat de film zal ontaarden in een lesbische coming out-film maar dat gebeurt niet: de zakelijke en persoonlijke ervaringen van Syd vormen een onontwarbare kluwen, zowel voor haarzelf als voor de filmkijker. En dat blijft zo nadat Syd, eenmaal terug in New York, in arren moede maar de blote foto's aanbiedt die Berliner van haar heeft gemaakt - en die vervolgens door iedereen zeer geprezen in het blad verschijnen.

Cholodenko breekt met de vrome gewoonte in dit soort films om de hoofdpersoon aan het einde als een tikje meer volwassen dan aan het begin voor te stellen, en daardoor ook wat aandoenlijker en sympathieker. Een geniale scene aan het eind geeft aan dat Syd in het beste geval een beetje kind is gebleven, en in het slechtste een berekenende tante die uit domheid en opportunisme over lijken gaat. Aankomende journalisten die `kritische theorie' hebben gestudeerd, worden door mij voortaan met wantrouwen bekeken.